Kandidaat franchisenemer: onderzoek, check en vraag door!
In 2021 is de Wet franchise ingevoerd. Vóór 2021 was er geen specifieke Nederlandse franchise wetgeving. De wetgever vond de Wet franchise noodzakelijk om de informatiepositie van franchisenemers te verbeteren en meer balans aan te brengen in de verhouding franchisegeverfranchisenemer. Vóór 2021 kwam het regelmatig voor dat franchisenemers een franchiseovereenkomst sloten zonder goed geïnformeerd te zijn.
Daardoor werden soms overeenkomsten gesloten die met de juiste informatie niet zouden zijn aangegaan. Omdat een eenmaal gesloten franchiseovereenkomst vaak niet zonder aanzienlijke financiële schade tussentijds kan worden beëindigd, leidde dat tot onwenselijke situaties. Bij een tussentijdse beëindiging gaan investeringen verloren en kan een franchisenemer niet zomaar van andere contracten (denk aan: huur-, lease- en arbeidsovereenkomsten) af terwijl aangegane financieringen veelal direct opeisbaar worden. Met de Wet franchise wil de Wetgever bereiken dat een kandidaat franchisenemer zo goed mogelijk wordt geïnformeerd voorafgaand aan het sluiten van de franchiseovereenkomst.
Precontractuele informatieplicht
De Wet franchise legt gedetailleerde informatieverplichtingen op aan franchisegever. Het gaat dan om informatie die vóór het sluiten van de franchiseovereenkomst moet worden verstrekt (precontractuele informatieplicht) en tijdens de looptijd van de
franchiseovereenkomst (contractuele informatieplicht). De precontractuele informatieplicht dient om een kandidaat franchisenemer in staat te stellen om goed geïnformeerd een besluit te nemen om wel of geen franchiseovereenkomst aan te gaan.
Precontractueel informatie document
Ter invulling van de precontractuele informatieplicht verstrekken veel franchisegevers een zogenaamd “Precontractueel Informatie Document” (PID). Daarin is (als het goed is) alle in de Wet franchise voorgeschreven informatie die aan een kandidaat moet worden verstrekt, gebundeld. Met het aanbieden van de PID geeft franchisegever invulling aan haar wettelijke precontractuele informatieverplichting.
Standstill-periode / onderzoeksplicht
Om de PID goed te kunnen bestuderen c.q. te doorgronden en om te voorkomen dat een franchiseovereenkomst overhaast wordt gesloten is in de Wet franchise de zogenaamde standstill-periode verplicht gesteld. Dit is een wachttermijn van minimaal
vier weken gedurende welke termijn geen franchiseovereenkomst mag worden gesloten zodat de kandidaat franchisenemer (zonder druk te ervaren) in de gelegenheid is om de PID te bestuderen. Daardoor wordt zoveel mogelijk voorkomen dat franchisenemer op basis van onjuiste veronderstellingen de franchiseovereenkomst sluit. Indien de via de PID verstrekte informatie tijdens die wachttermijn wordt gewijzigd ten nadele van franchisenemer, gaat een nieuwe wachttermijn lopen. Op deze wijze wordt bereikt dat een kandidaat altijd minimaal vier weken in de gelegenheid is om de PID informatie tot zich te nemen, te doorgronden en desgewenst verder onderzoek te doen. Schending van de precontractuele informatieplicht en/of de wachttermijn is in beginsel onrechtmatig en kan tot vernietiging van de franchiseovereenkomst leiden. In de Wet franchise is ook een onderzoeksplicht voor de kandidaat franchisenemer opgenomen. Die onderzoeksplicht beoogt te voorkomen dat de kandidaat franchisenemer onder invloed van onjuiste veronderstellingen een franchiseovereenkomst sluit. De standstill- periode biedt gelegenheid aan de kandidaat franchisenemer om invulling te geven aan zijn onderzoeksplicht. Zo bezien vormen de precontractuele verplichting van franchisegever, de verplichte wettelijke wachttermijn en de onderzoeksplicht van franchisenemer een onderling afgestemd systeem.
Belangrijke precontractuele informatie
De PID is vaak een omvangrijk document met veel feitelijke en juridische informatie over de samenwerking, de voorwaarden, de formule, etc.. Belangrijke informatie die een kandidaat via de PID krijgt aangereikt krijgt en in elk geval zou moeten checken, betreft onder meer:
- concept franchiseovereenkomst inclusief alle bijlagen;
- overzicht van de te betalen vergoedingen, opslagen en andere financiële bijdragen en verlangde investeringen;
- financiële gegevens met betrekking tot de beoogde franchiselocatie (met name omzetgegevens, indien aanwezig);
- geldende drempelwaarde (kort gezegd het maximum van een opslag, doorbelaste kosten of investering die franchisegever tijdens de looptijd van de franchiseovereenkomst eenzijdig kan verlangen van franchisenemer zonder diens instemming);
- overdrachtsregeling (in verband met een eventuele verkoop van de franchisevestiging tijdens de looptijd of aan het einde van de franchiseovereenkomst);
- goodwill regeling (in hoeverre goodwill wordt vergoed aan het einde van de looptijd van de franchiseovereenkomst indien de vestiging dan aan franchisegever wordt overgedragen);
- non-concurrentiebeding (in hoeverre franchisenemer gerechtigd is om concurrerende activiteiten te verrichten na het einde van de samenwerking).
Conclusie
Het bestuderen van de PID en het onderzoek naar - en doorgronden van - alle aspecten van de franchise samenwerking (en de kansen en risico’s) voorafgaand aan het sluiten van een franchiseovereenkomst is van het grootste belang voor een kandidaat franchisenemer. Door de PID informatie uitvoerig te bestuderen en te doorgronden en de standstill-periode daarvoor te benutten, kan zoveel mogelijk worden voorkomen dat op basis van gebrekkige of onvolledige informatie, of te lichtvaardig, een franchiseovereenkomst wordt gesloten die achteraf niet gesloten had moeten worden. Zodra de franchiseovereenkomst is getekend is er meestal geen weg meer terug. Ook andere – met de franchiseovereenkomst samenhangende - overeenkomsten en (financiële) verplichtingen gaan dan meestal lopen. De wetgever hecht – terecht - groot belang aan een juiste en volledige precontractuele informatievoorziening door franchisegever. Evenzo is het cruciaal dat de kandidaat franchisenemer op zijn beurt de ontvangen informatie goed en grondig bestudeert. Op die wijze geeft de kandidaat franchisenemer invulling aan de eigen onderzoeksplicht, geheel in lijn met het systeem van de Wet franchise.