Wisselende reacties op rapport over franchise

Afgelopen dinsdag heeft het Europees Parlement een rapport aangenomen over franchise in Europa. Het rapport ‘Over de werking van franchising in de detailhandel’ is opgesteld door SP-Europarlementariër Dennis de Jong en roept wisselende reacties op in de franchisebranche. Franchise+ zet enkele reacties op een rij. 

Reactie SP-Europarlementariër Dennis de Jong

Allereerst het woord aan SP-Europarlementariër Dennis de Jong: “We zien franchise vooral in de detailhandel, maar je vindt deze methode in veel sectoren. Op zich is het een handige formule, maar helaas komen er ook veel misstanden voor doordat de franchisegever meestal veel machtiger is dan de franchisenemer. Tot nu toe wilde de Europese Commissie op dit gebied niets doen. Dat moet nu veranderen: de Europese gedragscode voor de sector moet worden aangescherpt en gehandhaafd, en de Commissie moet een lijst met oneerlijke handelspraktijken maken. Ook moet de concurrentiewetgeving aangepast worden.”

Het rapport van De Jong roept onder meer op tot inventarisatie van ´best practices´ in de lidstaten. De Jong: “In Nederland ligt er een wetsvoorstel om de Nederlandse Franchise Code (NFC) wettelijk te kunnen handhaven. Dat zou de onderhandelingspositie van franchisenemers enorm kunnen verbeteren. Het gaat daarbij om goede informatie voor afsluiting van het contract, geen onmogelijke voorwaarden en garanties voor een goede formule. Ik hoop dat de Commissie dit oppakt en zal daar zowel op de betrokken Eurocommissaris, Bienkowska, als op haar ambtenaren de komende maanden druk op blijven zetten. Binnen een half jaar moet de Commissie reageren op resoluties van het EP en ik wil een concrete en positieve reactie.”

Reactie van het Vakcentrum

Het Vakcentrum ziet het rapport als absolute steun voor de franchisenemers en voor de wettelijke verankering van de NFC. Vakcentrum directeur Patricia Hoogstraaten reageert: “De onevenwichtige verhouding die het EP nu bevestigt, was in Nederland aanleiding om te komen tot de franchisecode. De NFC geeft antwoord op veel punten die door het Europees Parlement met betrekking tot franchising zijn geformuleerd. Zo wordt de informatievoorziening in precontractuele fase beschreven, maar ook de noodzaak van goede franchisenemersverenigingen en hun invloed. Het is nu essentieel om de naleving van de code af te dwingen ter voorkoming van oneerlijke handelspraktijken in franchising. Minister Kamp (EZ) kan de NFC, inclusief het wetsvoorstel voor de wettelijke verankering dus zo naar Brussel sturen als goed voorbeeld.”

Reactie van de Commissie Franchising RND+

Eus Peters van de Commissie Franchising RND+ reageert: “Franchisegevers zijn vóór zelfregulering op basis van een evenwichtige gedragscode, die ontwikkeld is door een brede vertegenwoordiging van sector, en die daarna wel breed gesteund kan worden. Dit lijkt mij volledig in lijn met wat het Europees Parlement adviseert. Tegen de wens om koste wat kost nu wetgeving in te voeren door het verankeren van een niet-gedragen Nederlandse code, hebben wij en vele anderen al verschillende malen bezwaren geuit." 

Reactie van FANed

Hans van Well, voorzitter van FANed, de alliantie van franchisenemersverenigingen, herkent veel in de beschrijving die het Europees Parlement van franchising heeft gemaakt. Van Well reageert: “Het Europees Parlement geeft aan goed te zien waar de knelpunten zitten in de franchiserelaties. Dat de verhouding tussen franchisenemer en franchisegever niet gelijkwaardig is, uit zich bijvoorbeeld in de informatie die al dan niet wordt gedeeld in de precontractuele fase en in de noodzaak om te komen tot afspraken rond e-commerce. Als individuele franchisenemer is het lastig om in verweer te gaan. Ik begrijp dan ook zonder meer dat het Europees Parlement de oprichting van franchisenemers-verenigingen wil faciliteren. Krachtenbundeling is inderdaad cruciaal.”