Opmerkelijke toepassing Wet franchise op agentuurverhouding

Bij vonnis van 11 februari 2021 (ECLI:NL:RBNHO:2021:2356) oordeelde de rechtbank Noord-Holland dat de regels omtrent het non-concurrentiebeding in de Wet franchise onder omstandigheden van toepassing kunnen zijn in  de beslechting van geschillen omtrent een non-concurrentiebeding in een agentuurverhouding.

In deze kwestie paste de voorzieningenrechter de regels van de Wet franchise aangaande het concurrentieverbod toe in een agentuurrelatie tussen partijen. De franchisenemer in de onderhavige kwestie is makelaar en exploiteert een tweetal kantoren in Noord-Holland. In plaats van een franchiseovereenkomst sloten partijen een zogenaamde ‘agentenovereenkomst’.

Onderdeel van deze overeenkomst is een beding, waarin is bepaald dat de franchisenemer in kwestie geen handelsagent is in de zin van de wet en dat de agentenovereenkomst tevens geen agentuurovereenkomst is in de zin van de wet, noch een arbeidsovereenkomst, maar een overeenkomst ‘sui generis’ (een klasse op zichzelf) tussen zelfstandige ondernemers. Het concurrentiebeding bepaalt voorts dat de franchisenemer tot twee jaar na beëindiging van de agentenovereenkomst geen makelaarswerkzaamheden mag uitoefenen in het werkgebied.

Op enig moment wenst de franchisenemer te ontvlechten met de franchisegever en entameert daartoe een kort geding en vordert schorsing van het concurrentiebeding in de agentenovereenkomst. In kort geding is deze vordering toewijsbaar indien voldoende aannemelijk is dat de bodemrechter zal oordelen dat het non-concurrentiebeding niet van toepassing is. De voorzieningenrechter is van oordeel dat het uitgangspunt is dat de bepalingen in de agentenovereenkomst, waaronder het concurrentiebeding, moeten worden nagekomen. Daarop kan niet snel een uitzondering worden gemaakt.

Als toetsingskader geldt dat een als gevolg van de overeenkomst geldende regel niet van toepassing is, indien dit in de gegeven omstandigheden naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar zou zijn. De voorzieningenrechter moet dus beoordelen of het aannemelijk is dat aan deze maatstaf is voldaan.

De voorzieningenrechter sluit voor de invulling van deze maatstaf aan bij de Wet franchise. Gelet op onder meer de duur van het non-concurrentiebeding, de leeftijd van de franchisenemer en het gegeven dat de makelaarswerkzaamheden de enige inkomstenbron van de franchisenemer zijn, wordt het non-concurrentiebeding geschorst voor de duur van één jaar.

Hoewel partijen een agentenovereenkomst en geen franchiseovereenkomst hebben gesloten, geldt volgens de voorzieningenrechter desalniettemin het overgangsrecht van twee jaar op grond van de Wet franchise, maar voor de invulling van de onaanvaardbaarheidsmaatstaf kan wél worden aangesloten bij de wetgeving op dat punt. De voorzieningenrechter refereert hierbij aan de inwerkingtreding van de Wet franchise per 1 januari 2021.

Het oordeel van de voorzieningenrechter is opmerkelijk, omdat in de wet is bepaald dat een post-concurrentieverbod voor de duur van 2 jaar in agentuurverband in beginsel is toegestaan. Gezien de omstandigheden zag de voorzieningenrechter in dit geval echter reden om aan te sluiten bij de regels van de Wet franchise, waar een post-concurrentieverbod gemaximeerd is tot 1 jaar. Dat betekent dat de makelaar in kwestie in kort geding het non-concurrentiebeding voor de helft van de duur geschorst heeft gekregen.

De voorzieningenrechter zag in dit geval blijkbaar aanleiding om het minder ruime toepassingsbereik van de non-concurrentiebepaling in de Wet franchise als uitgangspunt te nemen. Kennelijk was daarbij de ruimere reikwijdte van de wettelijke non-concurrentiebepaling in agentuurverband te verstrekkend, hetgeen niet lijdt tot een bevorderende rechtszekerheid voor rechtzoekenden in dit verband.

Let bij het opstellen van de franchise- en/of agentuurovereenkomst daarom goed op de formulering van de overeenkomst en het eventueel daarin opgenomen non-concurrentiebeding. Voorkomen is beter dan genezen.

Chantalle Damen Mr C. Damen
Advocaat

Ludwig & Van Dam franchise advocaten is een geheel in franchise- en andere samenwerkingsverbanden gespecialiseerd advocatenkantoor en marktleider sinds 1996 in zijn soort in Nederland.

Stel je vraag aan Mr C. Damen