De depressie nadert snel
Het zag er allemaal zo florissant uit: dalende werkloosheid, lage inflatie, behoorlijke economische groei, volop optimisme bij de consumenten. In vrij korte tijd is dat beeld volkomen op zijn kop gezet. Waar we eerst dachten dat de financiële crisis zich tot Amerika zou beperken is snel het besef gekomen dat er sprake was van een wereldwijde olievlekwerking. Dankzij het voorzichtige beleid van de grote, Nederlandse financiële instellingen zijn de echte klappen en schokeffecten hier beperkt gebleven. Maar de indirecte effecten zijn al zichtbaar: pessimisme, dalende consumptieve bestedingen, oplopende inflatie en teruglopende economische groei. De verwachtingen lopen wat uiteen, maar zijn zonder uitzondering vooralsnog negatief. Boven op dit negatieve nieuws komt de geplande btw-verhoging. Alom wordt rekening gehouden met een daling van de consumptieve bestedingen als dit plan inderdaad doorgang vindt. Er is intussen wel veel tegenstand gerezen, maar de politiek is gebonden aan een regeerakkoord en de regering zit uiterst krap bij kas.
De kredietcrisis heeft ook nog een ander effect; grote terughoudendheid in de kredietverlening door de banken. Kredietaanvragen worden kritischer bekeken, leningen voor lange termijn worden zeldzamer en de rente stijgt. Het ziet er niet goed uit.
Voor startende ondernemers in de detailhandel is dit alles bij elkaar slecht nieuws, ook voor franchisenemers. Starters zijn tot het maximaal haalbare bedrag gefinancierd, op basis van een scherpe, taakstellende begroting en een cashflowprognose die weinig ruimte voor tegenvallers toelaat. Er moet dus omzet en een gezonde brutowinst worden gemaakt. In een dergelijke situatie van een stagnerende markt komt het dan zeker aan op goede samenwerking tussen franchisenemer en franchisegever. De kracht van de formule moet evenzeer blijken als de kwaliteit van het ondernemerschap van de franchisenemer. Wee de franchise, die in dit opzicht zwakke plekken heeft. De inspanningen van beide partijen kunnen nog doeltreffender zijn als er gezorgd wordt voor een gerichte en kwalitatief hoogstaande opleiding van de franchisenemer en een snelle opname van een nieuwe franchisenemer binnen de familie van de ervaren franchisenemers van de keten. Want hier kan hij direct gebruikmaken van de verzamelde kennis en ervaring van collega-franchisenemers binnen dezelfde formule. Hoe waardevol dit is, heb ik zelf de afgelopen jaren kunnen vaststellen in diverse trainingsprogramma’s, onder andere voor HEMA-franchisenemers.
In dit nummer van Franchise+ heeft de redactie dit onderwerp in De Stelling eens aan een nader onderzoek onderworpen. En het blijkt zonneklaar dat zeer veel franchisenemers de voordelen onderkennen van goede relaties met collega’s, uitwisselen van ervaringen. Kortom: men wil en kan echt leren van elkaar en elkaar ook relevante informatie verstrekken. De samenwerking tussen franchisenemers onderling draagt in flinke mate bij aan het succes van een keten. Franchisegevers zullen zich dit moeten realiseren en de samenhang en samenwerking tussen franchisenemers stimuleren. Dus zorg voor een goedwerkend netwerk tussen franchisenemers. Dit hoeft echt niet te wachten tot er sprake is van een grote keten, maar kan bij wijze van spreken, starten als er meer dan drie franchisenemers zijn.
Hoe zit een franchisenemer met drie uiteenlopende franchiseformules in drie netwerken van franchisenemers? Dat vereist speciale vaardigheden. We laten in dit nummer een multi-franchisenemer aan woord. Daarnaast is er veel aandacht voor andere retail-franchiseformules. |