Frank Egging kwam veertig jaar geleden vanuit militaire dienst terecht bij de Rabobank, bij de accountantsdienst. "Dat was nog in het computerloze tijdperk", vertelt hij. Vanaf eind 1994 werkte Egging bij de afdeling Arrangementen. "Toen ben ik ook intensief met het fenomeen franchising in aanraking gekomen, samen met collega Anton Gelten met wie ik de afdeling Arrangementen heb opgezet. Dan kom je in aanraking met samenwerkingsverbanden, dus ook met franchise en van lieverlee ontwikkel je jezelf dan tot specialist."
Samen met advocatenkantoor Ludwig & Van Dam ontwikkelde Egging 'De Franchisespiegel', een checklist voor franchisegevers. "Ik kwam altijd dezelfde vragen tegen bij franchisegevers. Vaak thema's waar ondernemers niet aan hadden gedacht terwijl ze bezig waren met het opzetten van een franchiseorganisatie. Denk aan vestigingsplaatsonderzoek, goodwill, concurrentiebedingen en herfinanciering. Een regelmatig voorkomend probleem was en is nog steeds, dat men met franchise wil beginnen voordat de eigen organisatie goed op poten staat. Vooral startende ondernemers moeten écht een spiegel voorgehouden krijgen - letterlijk en figuurlijk - want de valkuilen zijn talrijk."
Grootste verandering is de verhouding
tussen franchisegever en franchisenemer
Wat is volgens hem valkuil nummer één? "Onvoldoende voorbereiding en vervolgens te snel willen gaan. Velen fixeren zich op het uitrollen van de formule, maar hebben nog onvoldoende nagedacht over uittreedregelingen of goodwillafspraken. Je moet juist aan het begin aan de achterkant denken; daar wordt vaak niet bij stilgestaan. Franchisegevers die serieus met hun vak bezig zijn en die willen luisteren, hebben een betere kans op succes. Een goed voorbeeld uit onze praktijk vind ik Shoeby, waarbij we als Rabobank van het begin af aan betrokken zijn geweest."
Mensenwerk
Frank Egging heeft zijn werk met veel plezier gedaan. "Het is mensenwerk pur sang waarbij je zowel voor de franchisegever als -nemer iets kunt betekenen. Als bank hebben we toegevoegde waarde weten te bieden, niet alleen in financiële zin maar ook op tal van andere aspecten van de bedrijfsvoering. We zijn tenslotte een coöperatie. De grootste verandering in de afgelopen twaalf jaar dat ik dit werk heb gedaan, is toch wel de verhouding tussen franchisegever en franchisenemer. Die is veel gelijkwaardiger, veel volwassener geworden. Dit volwassen worden geldt trouwens sowieso voor franchising in het algemeen."
Franchisegevers die serieus met hun vak bezig zijn
en die willen luisteren, hebben een betere kans op succes
En nu? "Genieten van mijn vrije tijd. Ik zing bij een koor waarvan ik ook voorzitter ben. Verder doe ik onderzoek naar de geschiedenis van de Habsburgers, een familie die vele Europese vorsten heeft voortgebracht. Over hen wil ik misschien een boek gaan schrijven", besluit Egging.
Reinold Vugs |