De vijftigplussers willen zelf ook,
zo blijkt uit cijfers van het ministerie van economische zaken: 11% van alle
starters in 2004 was vijftigplusser. Men verwacht dat deze ontwikkeling zich
verder voort zal zetten. De meeste van die startende vijftigplussers zijn hoogopgeleide
mannen die een bedrijf in de zakelijke dienstverlening beginnen. En juist die
groep lijkt voor De Wandelende Coach bijzonder interessant. “Zij nemen
veel relevante ervaring, kennis en levenswijsheid mee. Iemand van half twintig
of dertig is misschien wel slim en hoog opgeleid maar in de ogen van onze klanten
toch al snel een goedbedoelend broekie, zeker met ons product”, aldus Walraven.
Levensgenieters
Maarten Houweling, directeur van C’estbon, zoekt een heel andere eigenschap
bij de veertig- en vijftigplussers. “We zoeken levensgenieters. Mensen
die van lekker eten en drinken houden en daar ook graag zorg en tijd aan willen
besteden.” Bij C’estbon verkopen de franchisenemers zuidvruchten,
noten, wijn, allerlei soorten thee en andere delicatessen.
| 11% van alle starters in 2004 was vijftigplusser |
Houweling: “Het
blijkt dat iets oudere ondernemers de zaak eerder op de rit hebben, het langer
volhouden en enthousiaster meedoen om de formule als geheel uit te bouwen.” Overigens
is Houweling niet, zoals bij De Wandelende Coach, exclusief op zoek naar oudere
franchisenemers. Maar hij kan deze groep zonder meer waarderen.
Levenswijsheid
Bij De Wandelende Coach is er wel een ondergrens. Deze grens ligt bij 40. Walraven: “Doorgewinterde
personen met een behoorlijke mate van senioriteit. Dat is wat we zoeken. En dan
moet je toch echt de veertig al gepasseerd zijn vinden we. Niets ten nadele overigens
van alle goede, hoogopgeleide professionals. Maar dat zijn niet de mensen die
we zoeken.”
Kennis uit een boekje
De Wandelende Coach is ook de naam van een product: een speciale manier van coachen
met als opvallend kenmerk dat coach en klant echt buiten gaan wandelen. “Natuurlijk
moet het gaan over concrete doelen in het belang van de organisatie. En over
resultaten en rendement. Maar interessant doen voor een flip-over of goochelen
met een beamer is aan ons niet zo besteed. Een eind gaan kuieren daarentegen
past prima bij het imago van doorgewinterde wijze mensen. Mensen die weten van
de hoed en de rand. Het gaat in dergelijke gesprekken dan vanzelf over concrete
praktijkervaring en levenswijsheid en niet om kennis uit een boekje.”
Tact
en begrip
Bij Cash Converters herkent directeur Michel Schepers wel iets van wat Walraven
zegt. “Oudere franchisenemers hebben zeker enkele voordelen. Klanten dichten
hen vaak meer begrip, tact en invoelingsvermogen toe. En in onze branche zijn
dat belangrijke eigenschappen om te slagen.” Cash Converters koopt particuliere
goederen contant aan en verkoopt deze tegen concurrerende prijzen weer door.
| In 2008 is 45% van de Nederlandse bevolking 50 jaar of
ouder |
Denk daarbij aan hifi-materiaal, tv’s, kleine huishoudtoestellen, juwelen
en dergelijke. Schepers: “Vooral wanneer mensen erg gehecht zijn aan hun
spullen maar die toch moeten inleveren omdat ze nu eenmaal cash nodig hebben,
blijken oudere franchisenemers daar veel meer gevoel voor te hebben. Ze kunnen
in zulke gevallen niet alleen beter de deal sluiten, maar ze kunnen ook de klant
met een geruster gevoel de zaak weer laten verlaten.” Overigens zijn bij
Cash Converters jongere ondernemers ook van harte welkom.
Verschillende groepen
Natuurlijk erkennen ze alle drie dat je niet kunt spreken over dé vijftigplusser.
Er is voldoende verschil tussen de ene en de andere persoon. Ze onderscheiden
drie verschillende typen vijftigplussers: die van voor de oorlog, de stille levensgenieters
en de actievelingen. De laatste groep is volgens hen opvallend groot en lijkt
in niets op de man uit het reclamefilmpje die de hele dag in de schommelstoel
met Zeeuwse babbelaars zit te wachten totdat de kleinkinderen komen. Ze houden
van hun kleinkinderen. Dat is waar. Maar zij hebben ook stuk voor stuk het gevoel
dat ze nog heel lang te gaan hebben. En hun grootste schrikbeeld is dat ze al
afgedaan hebben, alleen nog ‘oude-van-dagendingen’ mogen doen en
moeten wachten op het einde. Ze zijn kritisch, actief en mede dankzij goede medische
zorg en voeding, gezonder dan deze groep ooit geweest is. Zij popelen om vol
goede moed nog aan een tweede of derde carrière te beginnen. “En
daarom zijn ze ook van harte bij ons welkom”, riepen ze gedrieën in
koor.
Ann van Helmond |