Eerder in Franchise+ 5/2005 :: oktober 2005 Terug naar het overzicht
 
 
Samenwerking heeft een grote evolutie doorgemaakt
25 jaar franchise-ervaring
Het samenwerken op franchisebasis heeft de laatste decennia een grote evolutie doorgemaakt. Eind van de zeventiger jaren was de houding ten opzichte van het samenwerken op franchisebasis redelijk terughoudend. Als er sprake was van franchising dan was het vaak soft-franchising. Bij de inkooporganisaties stond het noemen van de term franchising gelijk met vloeken in de kerk.
 
 

Begin 80-er jaren kwam de omslag, enerzijds door de komst van internationale franchisespelers zoals McDonalds en anderzijds door het in franchise geven van aansprekende retailconcepten van landelijk opererende filiaalorganisaties (Albert Heijn, Blokker, Marskramer et cetera).

Er vond een omslag plaats in de perceptie en het denken en franchisenemers werden niet langer bestempeld als 'veredelde bedrijfsleiders' maar werden gezien als 'ondernemers met visie', die bewust kozen voor de samenwerking met landelijk succesvol opererende formules.
In de 80-er en begin 90-er jaren is het franchisesysteem als samenwerkingsvorm met name in de food en non-food branche zeer belangrijk geworden. In de loop van de jaren 90 is daar de dienstensector bijgekomen. Formules als de Hypotheker, Huis en Hypotheek et cetera zijn niet meer uit het straatbeeld weg te denken. De verwachting is dat franchise als samenwerkingsvorm nog veel belangrijker gaat worden.

De omslag kwam door de komst van internationale franchiseketens en door het in franchise geven van aansprekende retailconcepten

Er zijn nog legio sectoren buiten de retail, horeca en dienstverlening die baat zullen hebben bij de een of andere vorm van commerciële samenwerking. Rabobank Nederland verricht momenteel een buitengewoon interessant onderzoek (publicatie oktober 2005 bij de presentatie van Cijfers & Trends 2005/2006) dat specifiek ingaat op dit thema.

Gezonde kritiek
Het is echter verstandig om met een gezonde kritiek naar franchise te kijken. De uitval in franchiseland (en dan doel ik met name op startende franchiseorganisaties) is hoog en wordt vaak onderbelicht. Je hoeft er alleen maar de ledenlijst van de Nederlandse Franchise Vereniging van de laatste 2 decennia op na te slaan en we kunnen constateren dat veel organisaties van het franchisetoneel zijn verdwenen. De oorzaken zijn legio, zoals bijvoorbeeld onvoldoende planvorming, het onvoldoende testen van de commerciële aantrekkingskracht en rentabiliteit van het concept, een te snelle expansie door de franchisegever in combinatie met een te geringe solvabiliteit, de voorfinanciering van projecten door de franchisegever (waarborgsommen huurovereenkomsten/huur voor opening/bouwkundige investeringen et cetera), een te gering eigen vermogen bij franchisegever en/of franchisenemers enzovoorts.

Voorwaarden
Het heeft alleen maar zin om te gaan franchisen als er sprake is van een commercieel succesvolle formule die de franchisenemer in spé een goed ondernemersinkomen genereert. Als de franchisenemer niet rendeert, dan wordt het probleem van de franchisenemer ook het probleem van de franchisegever. In zijn algemeenheid kun je stellen dat formules met een sterke 'brand' (naamsbekendheid) het snelste tot goede omzet- en bedrijfsresultaten leiden.

Vroeger werden franchisenemers gezien als 'veredelde bedrijfsleiders'

De ondernemer/franchisenemer opereert dan meer in de schaduw van de brand, maar dat is een bewuste keuze. De win/win-situatie impliceert ook een grote afhankelijkheid van elkaar. De franchisegever kan in de problemen komen door bijvoorbeeld liquiditeitsproblemen bij een of meerdere franchisenemers en andersom kunnen franchisenemers in de problemen komen door problemen bij de franchisegever.
De kansen en perspectieven zijn mijns inziens groter dan de risico’s dus per saldo voorzie ik voor het franchisesysteem in Nederland een mooie toekomst.

Hein Simons