“Het is een prettige boodschap
waar we blij mee zijn”, stelt algemeen manager Harry van der Heijden. De
laatste jaren stagneerde de afzet enigszins. Het lijkt erop dat de tv-reclame
vruchten afwerpt. Sinds april 2004 verschijnen de reclamespotjes van Multi-Vlaai
op de buis in de Nederlandse huiskamers. “Heel basic”, omschrijft
Van der Heijden de reclamespotjes. “Ze laten eenvoudig zien wat wij van
Multi-Vlaai doen, dat elke Multi-Vlaai een perfecte en smakelijke vlaai is, dat
het winkelpersoneel meer dan vriendelijk is en dat de Limburgse Multi-Vlaai ook
per punt gekocht kan worden. ‘Doe mij maar die Multi-Vlaai’, krijgen
franchisenemers daags na de uitzending meer dan eens te horen. Het is de merknaam
die als vlaai niet bestaat maar zo aan het omvangrijke assortiment van 45 vlaaien
zou kunnen worden toegevoegd.”
Tv-reclame oogt zo als een belangrijke vernieuwing binnen de Multi-Vlaaiformule,
die alweer achttien jaar draait. Drie jaar geleden werd gestart met een landelijke
reclamefolder, huis-aan-huis verspreid in een oplage van bijna 2,5 miljoen exemplaren.
Toen al een grote stap. Banketbakkers adverteren van oudsher voornamelijk in
de lokale krant. Ternauwernood passen de activiteiten in het promotiebudget,
hoewel Multi-Vlaai marktleider is op de vlaaienmarkt met lengtes voorsprong op
de concurrentie.
Hoe ziet de vlaaienmarkt er eigenlijk uit?
Feitelijk is het een niche in de
niche van banket. Met andere woorden een lucratief hoekje in de gebaksmarkt.
Spelers op de markt zijn naast de grote keten Multi-Vlaai, een handvol kleinere
ketens zoals Supervlaai, de Hema en enkele supermarkten.
In de bedrijfsmissie staat verwoord dat Multi-Vlaai zoveel mogelijk mensen wil
laten genieten van eerlijke, met de hand gemaakte, verse feestelijke producten. ‘De
vlaai is het feestje dat je ochtend, middag of avond vrolijk maakt!’ De
tv-spotjes die worden uitgezonden rond de grote feestdagen als Pasen, Koninginnedag,
vader- en moederdag, Pinksteren en Kerstmis, brengen die blijde boodschap om
de verkoop te stimuleren. Een interessante vraag is of de andere partijen niet
gratis meeliften op de promotie-inspanningen van Multi-Vlaai die een grote naamsbekendheid
heeft opgebouwd. “Je kunt het niet concreet meten”, stelt Harry van
der Heijden. Wel worden alle successen van Multi-Vlaai door de concurrentie steevast
gekopieerd. Wanneer doe je het goed? Harry van der Heijden stelt zichzelf die
vraag. “Wij zijn altijd bij onze core business, iets lekkers bij de koffie
verkopen, gebleven. Anderen gaan er ijsjes, snoepgoed of broodjes bij verkopen.
Dat is geen luxe.”
Nieuwe naam voor Maxi-Vlaai
Het ontstaan van de formule is een verhaal op zich. Een Amsterdammer kreeg een
relatie met een Limburgs meisje. Op de terugweg naar Amsterdam nam hij vanuit
het Limburgse Sevenum vlaaien mee. Hij zag er wel handel in. Als lekkernij ging
het in de hoofdstad gretig van de hand. In korte tijd waren er achttien Multi-Vlaaiwinkels,
een sterke formule ontstaan vanuit een consumentenbehoefte. Toen de Amsterdammer
wilde verkopen, nam de bakkerij de winkels, gezien het succes, graag over en
ontstond Maxi-Vlaai als franchisegever. Tot april 2005 heeft Maxi-Vlaai in naam
bestaan. Bewust is de naam omgezet in Multi-Vlaai Retail bv. Maxi-Vlaai werd
vaak gezien als een keten naast Multi-Vlaai. Die onduidelijkheid bestaat met
de nieuwe naam niet meer.
| Vlaai is het feestje dat je ochtend, middag of avond vrolijk
maakt! |
Met uitzondering van Limburg is Multi-Vlaai in alle Nederlandse provincies
goed vertegenwoordigd. “Er zijn nog wel enkele zwakke plekken, maar we
hebben over het algemeen een heel goede dekkingsgraad”, meldt Van der Heijden.
Het betekent niet dat Multi-Vlaai geen nieuwe franchisenemers zoekt. Jaarlijks
stromen een tiental nieuwe franchisenemers in. Van de generatie van het eerste
uur is een groot aantal op zoek naar geschikte opvolgers. Is er een profiel waaraan
een kandidaat-franchisenemer voor Multi-Vlaai dient te voldoen? Hij of zij is
iemand met bovenal gezond verstand, heeft oog voor hygiëne bij dagverse
producten, is creatief in het bedenken van nieuwe afzetmogelijkheden en staat
vooral midden in de regionale samenleving. Van der Heijden: “Je moet het
vooral hebben van goede contacten. Wij leveren een uitstekend product, hebben
een goed logistiek systeem, maar als ondernemer moet je zelf scoren. Voorbeelden?
Die zijn er, maar die noem ik hier niet.”
Eén Multi-Vlaai in Limburg
Van de 116 Multi-Vlaaiwinkels is er één in het Limburgse Beek gevestigd.
Hoe zit dat? De thuismarkt Limburg is lastig te bewerken. De meeste dorpen kennen
nog altijd minimaal twee bakkers die allemaal hun eigen vlaairecept hebben. De
Limburger loopt bij de ene banketbakker binnen voor de kersenvlaai en vervolgens
naar zijn collega-banketbakker voor de abrikozenvlaai omdat die daar het lekkerst
is. Voor uitbreiding van de markt richt Multi-Vlaai Retail het vizier eerder
op België. Als geschikte panden in bepaalde stadjes zich aandienen kan het
volgens Van der Heijden best snel gebeuren.
| Geen maximale levenscyclus vlaai: wat goed en lekker is
blijft besteld worden |
De kracht en het succes van de Multi-Vlaaiformule zit in de uitstekende prijs-/kwaliteitverhouding
van het product en de effectieve logistiek. Franchisenemers kunnen uiterlijk
tot half drie ’s middags hun bestellingen doorgeven aan de bakkerij in
Sevenum. De volgende dag voor zeven uur worden de bestellingen uitgeleverd. Met
eigen vrachtwagens, elf in het begin van de week en dertien aan het eind van
de week, wordt uitgereden. De hele keten is gekoeld. In de bakkerij in Sevenum
staan de vlaaien gekoeld op 5° Celsius, de vrachtwagens zijn ook op die temperatuur
gekoeld. De chauffeurs hebben een sleutel van de winkel en zetten de vlaaien
daar ook weer in de koelcel. Ooit is een poging gedaan het transport uit te besteden
maar dat is teruggedraaid. Eigen mensen bewaken de productkwaliteit en het bedrijfsbelang
beter.
Het leeuwendeel van de vlaaien in het assortiment dient doorgaans dezelfde dag
te worden verkocht of anders te worden vernietigd. Een gering aantal traditioneel
Limburgse rastervlaaien kan twee dagen in de verkoop.
De bakkerij in Sevenum is een onderdeel van Bakkersland, een samenwerkingsverband
dat zes jaar geleden is ontstaan toen veertien ambachtelijke bakkersfamilies
de handen ineensloegen. In Sevenum, met een groot aantal opgeleide banketbakkers,
worden alle vlaaien gebakken. Het hoofdkantoor van Bakkersland met de commerciële
afdelingen is gevestigd in Andelst.
Duur imago
De professionele uitstraling van Multi-Vlaaiwinkels met herkenbare kleuren als
rood, wit en zwart - naast het gegeven van een luxeproduct - maakt dat Multi-Vlaai
een duur imago heeft in de ogen van de consument. Harry van der Heijden weet
het. “In vergelijking met de banketbakker zijn we echter zeer goedkoop.
Supermarkten leveren daarentegen een niet vergelijkbaar product. Onze prijs-/kwaliteitverhouding
is uitstekend. Het klinkt misschien arrogant maar ik denk niet dat we bij een
vijf of tien procent lagere prijs meer vlaaien gaan verkopen. Omgekeerd verkopen
we bij een vijf tot tien procent hogere prijs misschien ook wel niet minder vlaaien.”
De oplettende televisiekijker zal het opgemerkt hebben maar in het tv-spotje
wordt bewust vermeld dat Multi-Vlaai al vlaaien heeft vanaf € 4,95. Dat
is niet duur. De duurste vlaai in het assortiment kost € 11,95. Van de concurrentie
is eveneens bekend hoe het assortiment eruitziet en wat de prijzen zijn. Het
NBC (Nederlands Bakkerij Centrum) test als neutrale partij producten op diverse
gebieden. Multi-Vlaai komt daarin steevast als beste uit te voorschijn.
| Productkwaliteit in op 5°Celsius gekoelde logistieke
keten gegarandeerd goed |
Productontwikkeling is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van zowel franchisenemers
als franchisegever. Beiden zijn daar op hun eigen manier mee bezig. De aandacht
gaat vooral uit naar vernieuwingen in de uitstraling en presentatie. De leveranciers
van Bakkersland worden gestimuleerd daarin mee te denken. De samenstelling, de
gebruikte ingrediënten veranderen slechts mondjesmaat. Een maximale levenscyclus
is er niet. Het is aan de consument, die betaalt en bepaalt daardoor of een product
in de handel blijft. Onderzoek laat zien dat de consument traditioneel is en
bijna altijd kiest voor zekerheid. Wat goed en lekker is blijft besteld worden.
Pilot
Multi-Vlaai Eindhoven
In Eindhoven in de wijk Woensel opende Multi-Vlaai half maart dit jaar een eigen
pilotstore. Welke gedachte zit erachter? “Een eerdere vestiging daar mislukte
maar het winkelcentrum is inmiddels gerenoveerd en wij zijn overtuigd van de
kansen”, stelt Harry van der Heijden als eerste. “Ik vind het tevens
belangrijk om een nieuwe winkelaankleding en –inrichting alsmede productvernieuwingen
in betrekkelijke rust uit te kunnen proberen. In die zin zou ik op verschillende
plekken in het land wel drie of vier pilotzaken in eigen beheer willen hebben.” In
Eindhoven gaat Multi-Vlaai een rechtstreekse confrontatie aan met Supervlaai
die daar eveneens is gevestigd. “Ook daarvan zullen we leren”, stelt
Harry van der Heijden.
Multi-Vlaai Eindhoven heeft een winkeloppervlakte van 60 vierkante meter. De
winkel kent geen horecagelegenheid voor het eten van een vlaai onder het genot
van kop koffie. Dat wordt pas rendabel vanaf een winkeloppervlakte van 120 vierkante
meter. In de beginjaren was die horecafunctie belangrijk voor de ontwikkeling
van de formule. Limburgse vlaaien werden daarmee gemakkelijker gepromoot en op
de kaart gezet. “Inmiddels”, zo stelt Harry van der Heijden, “is
de naamsbekendheid en productkwaliteit genoegzaam bekend onder het grote publiek.
Tegenwoordig wordt meer ingezet op kleinere vestigingen aan de rand van de stad
en winkelcentra, waar een goede bereikbaarheid is gegarandeerd. Op weg naar huis
of naar de zaak even aanwippen bij Multi-Vlaai voor het meenemen van een traktatie
geeft inkoopgemak waarmee goed ingespeeld wordt op een duidelijke behoefte van
de consument.”
Wim Hogenboom |
Franchisenemers verplicht lid Multi-Vlaai franchisevereniging
Bijzonder aan de Multi-Vlaaiformule is dat de franchisenemers een eigen franchisevereniging,
genaamd Multi-Vlaai, hebben opgericht. In het contract met de franchisegever
Multi-Vlaai Retail bv is het lidmaatschap als een verplichting geregeld.
De franchisevereniging wordt geleid door een bestuur waarin zes personen zitting
hebben. Zij worden gekozen voor een periode van drie jaar. In het gestructureerde
overleg brengen de franchisenemers gezien en belicht vanuit met name consumentenbeoordelingen
zaken in, terwijl de franchisegever zich richt op productietechnische zaken en
de uitvoering van in de ALV (algemene ledenvergadering) vastgestelde besluiten.
Twee keer per jaar vindt in de regel een ALV plaats. Het promotiebeleid, voorzien
van een bepaald prijskaartje, is zo democratisch in de ALV vastgesteld. In de
APR-commissie (Assortiment, Promotie en Reclame) vindt het voorbereidende werk
plaats door collega’s die midden in de praktijk van alledag staan. Voor
Harry van der Heijden is dat één van de belangrijke krachten van
een goede franchiseformule. “Je krijgt geen dingen opgelegd, die vanachter
bureaus door medewerkers van een hoofdkantoor zijn uitgedacht.”
Voor de vergadering van de APR-commissie in mei staat zo bijvoorbeeld ook assortimentsontwikkeling
als belangrijk gespreksonderwerp op de agenda. Twaalf jaar geleden telde het
assortiment 26 soorten vlaaien, inmiddels zijn dat er 45. Het is eenvoudiger
een vlaai aan het assortiment toe te voegen dan er eentje uit te halen. De ene
soort vlaai verkoopt in de ene regio uitstekend terwijl dezelfde vlaai in andere
regio’s nauwelijks loopt. Harry van der Heijden: “Je kunt je voorstellen
dat het wegstrepen van een vlaai uit het assortiment veel discussie oplevert
en daarom niet eenvoudig gebeurt.” |