In dit artikel komen verschillende
onderwerpen rondom thema’s als ‘motiveren van franchisenemers’ en ‘hoe
houdt je franchisenemers betrokken’ naar voren. In dit artikel is
bewust afgezien van het vermelden van namen van aanwezige formules en franchisegevers
om een zo groot mogelijke openheid van meningsuiting te krijgen.
Bijeenkomsten
De ING-bank, Anema en Greve en European Franchise Consultants organiseren
ieder jaar een tweetal bijeenkomsten voor (top)franchisegevers. Het
is hierbij de opzet dat franchisegevers met elkaar van gedachten wisselen
over zaken die hen bezighouden. Kees Bothof (advocaat bij Anema en
Greve),
Dirk Visser (directeur franchising ING-bank) en Hein van Baalen (franchiseadviseur
bij EFC) organiseren gezamenlijk deze evenementen en zij fungeren hierbij
als gespreksleider.
Moeten franchisenemers gemotiveerd worden?
Deze motivatie behoort in feite voor een franchisenemer een vanzelfsprekendheid
te zijn, want anders had hij geen franchisenemer moeten worden. Het
is daarom belangrijk om bij de selectie van franchisenemers bijzondere
aandacht
aan dit onderwerp te schenken. Komt die motivatie niet of in onvoldoende
mate naar boven drijven en wordt dat niet of in onvoldoende mate gestimuleerd
door de echtgenoot/partner van de franchisenemer, dan roept de franchisegever
de negatieve gevolgen van het gebrek aan motivatie op termijn over
zich af.
Motivatie dient ook gescreend te worden bij (erf)opvolging. Zonder
meer instemmen als franchisegever met de beoogde opvolger roept vergelijkbare
problemen met betrekking tot motivatie op. De opvolger zal dus ook de
normale
selectieprocedure moeten doorlopen.
Niet demotiveren!
Een goede formule blijft ondernemers prikkelen. Uitdagen om door te groeien
in het ondernemerschap in kwaliteit maar soms ook in kwantiteit door
middel van groei van vestigingen, is dan ook het credo voor een goede
franchisegever. Het managen van verwachtingen komt hierbij duidelijk
naar voren. Wees duidelijk óf en wánneer een succesvolle
ondernemer een tweede vestiging mag starten. Veel formules hebben vaste
afspraken lopen over het maximale aantal vestigingen. Dit is soms zelfs
in het contract opgenomen. In de dienstverlening is het evenwel minder
voor de hand liggend om meerdere vestigingen toe te staan. Daar is immers
de persoonlijke inbreng vaak doorslaggevend voor het succes van de onderneming.
Meer dan bijvoorbeeld voor een food- of non-foodwinkel het geval is.
Houdt
vast aan het principe
Je moet je altijd blijven beseffen dat het succes van franchising voor
een belangrijk deel gebaseerd is op de aansturende en motiverende kracht
van de ondernemer. Als je het franchisenemers toestaat om meerdere vestigingen
te exploiteren, moet je wel zeker zijn dat dit aspect zich niet langzaamaan
vertaalt naar een mentaliteit die meer bij filiaalbedrijven voorkomt.
Toch kun je aan een dergelijk principe ontkomen als de franchisenemer
zich meer opwerpt als motivator en manager die meerdere vestigingen aanstuurt
in plaats van een soort van meewerkend voormanrol te omarmen. Grootschaliger
werkende kappersketens, de doe-het-zelfbranche, maar ook videotheekfranchiseformules
bewijzen dat het in de praktijk zeer wel mogelijk is dat franchisenemers
meerdere vestigingen aansturen.
| Een franchisegever heeft de plicht om franchisenemers
tegen hun eigen ambitie en daadkracht te beschermen |
Bezint eer gij begint
Een franchisegever heeft de plicht om franchisenemers tegen hun eigen
ambitie en daadkracht te beschermen. Uiteraard is het ook juist in het
belang van
de franchisegever om te groeien met het aantal vestigingen. Zeker is het
zo dat het werken met bestaande franchisenemers voordelen biedt. Je kent
de zakenpartner en zijn sterke en zwakke punten, je bent op de hoogte van
zijn financiële positie en je wilt als franchisegever je bestaande
klanten (franchisenemers) tevreden houden. Doorgaans is het uitgangspunt
dat een franchisenemer pas met een volgende vestiging mag starten indien
hij ‘duurzaam spek op de botten heeft’. Dat is meestal pas
zo bij bijvoorbeeld het ingaan van een tweede contracttermijn van vijf
jaar. Franchisegevers moeten dus de verleiding kunnen weerstaan om tegen
beter weten in sneller te groeien omdat een franchisenemer dat nu eenmaal
wil.
Franchise aansturen op afstand
Indien het franchisenemerschap van meerdere vestigingen binnen een formule
mogelijk is of zelfs gestimuleerd wordt, dan is het ook zaak om de
franchiseondersteuning vanuit de franchisegever hierop in te gaan richten.
Wat moeten de taken
van de franchisenemer bij iedere vestiging blijven om toch genoeg voeling
te blijven houden. Heeft de franchisegever ondersteuningsmogelijkheden
om aansturing van meerdere vestigingen te faciliteren?
Multiple-franchise
of niet
Er zijn succesvolle franchiseformules die, in tegenstelling tot de meeste
formules die dat zelfs uitdrukkelijk verbieden, hun franchisenemers
stimuleren om met meerdere formules een franchisenemerschap aan te gaan.
Indien
dat gebeurt dan wordt dat multiple-franchising genoemd. Er zijn in
dit verband overigens genoeg formules die niet concurrerend, of liever
zelfs
complementair, zijn en wellicht een vestiging willen opbouwen in de
omgeving van zijn of haar reeds bestaande franchisevestiging. Er wordt
zelfs gesproken
over mogelijkheden dat formules elkaar bewust op dit gebied gaan helpen
en franchisenemers zelfs stimuleren om een tweede franchise te nemen
bij een andere formule.
Wanneer stoppen met franchising
Een ondernemer moet gemotiveerd zijn en blijven. Indien deze motivatie
duurzaam verdwijnt dan zal de franchisenemer gestimuleerd moeten worden
om zijn zaak te verkopen. Een persoonlijk ontwikkelplan per franchisenemer
kan hierbij helpen. Eerst kan hierbij een groeiplan samengesteld worden
om vervolgens ook weer een afbouwplan overeen te komen. Dit alles geeft
duidelijkheid ten aanzien van de verwachtingen. Ook geeft het richting
aan het uitvoeren van plannen en dus geeft het richting aan het invullen
van het ondernemerschap.
Formule in een formule
Er zou vaker gebruik gemaakt kunnen worden van strip-franchise. Hierbij
wordt een verkleinde of kleine variant van een formule ingepast in
een andere. In de praktijk zie je dat eigelijk nog erg weinig. Bij
tankstations
kom je bijvoorbeeld wel food- of stomerijformules tegen, maar eigenlijk
kun je daar veel verder in gaan, gebruik makend van de kwaliteiten
van elkaars formules. Waarom is er geen uitzendbureau in een warenhuis
of
een kappersstoel in een shop van een tankstation? Op veel van deze
gebieden zouden franchisegevers ook hun franchisenemers kunnen sturen
in een zinvolle
aanvullende franchise om een hoger rendement te halen uit de onderneming.
Enkele
conclusies
– Iedere ondernemer moet gemotiveerd zijn anders moet hij geen ondernemer
worden of anders moet hij een einde maken aan het ondernemerschap.
– Franchisegevers moeten zorgen dat zij hun franchisenemers niet demotiveren
door ze teveel beperkingen op te leggen en onduidelijk te zijn maar veel
belangrijker nog de verwachtingen van de samenwerking niet te managen.
– Franchisegevers moeten duidelijk aangeven wat de groeimogelijkheden
zijn binnen een formule voor een franchisenemer qua aantal vestigingen,
de grootte
hiervan en de grootte van het rayon.
– Iedere franchisegever zou samen met zijn franchisenemers een persoonlijk
en zakelijk ontwikkelplan moeten samenstellen waarbij niet alleen groei
aan de orde komt, maar ook een eventuele afbouw van het franchisenemerschap.
– Multiple- of strip-franchise kunnen nuttig zijn voor zowel franchisenemers
als franchisegevers om meer uit het ondernemerschap te halen.
– Franchisegevers zouden vaker kunnen overwegen om gestructureerder met
andere formules samen te werken op het gebied van strip-franchise of
het uitwisselen van mogelijkheden om goede franchisenemers met een andere
formule
te laten groeien.
Hein van Baalen, Kees Bothof en Dirk Visser |