Eerder in Franchise+ 1/2004 :: februari 2004 Terug naar het overzicht
 
We willen de C1000 van Mongolië worden
Mongolië: retail on the move
“We willen de C1000 van Mongolië worden.” Zo kort en krachtig kan een missionstatement zijn. Gana Gantulga, 32 jaar en directeur van de Mongoolse supermarktketen Nomin Foods Co. Ltd., weet waar hij met zijn onderneming naartoe wil.
 

En waar hij moet zijn om zijn doelen te bereiken: het Programma Uitzending Managers (PUM). PUM zendt gepensioneerde Nederlandse experts uit naar een scala van bedrijven en instellingen, hoofdzakelijk in ontwikkelingslanden. Jaarlijks coachen deze senior-adviseurs/vrijwilligers zo’n 1.600 projecten.
In maart 2003 werd Nomin bezocht door Theo Macrander, sectorcoördinator Retail van PUM. In het kielzog van deze missie kwam Gana Gantulga in oktober naar Nederland, waar Macrander een uitgebreid stageprogramma voor hem had samengesteld.

Kwaliteit
Retail is on the move in Mongolië. Nomin Foods werd opgericht in 1992, na de val van het communistische regime. Begonnen als elektronicawinkel, groeide het uit tot een allround warenhuis inclusief foodafdeling. Met drie vestigingen in de hoofdstad Ulaanbaatar en twee in nabijgelegen steden, is Nomin hard op weg de nummer-één-supermarkt van het land te worden. Eind 2004 wordt de vierde vestiging in Ulaanbaatar geopend. Business is booming, mede dankzij het gunstige economische klimaat: in Mongolië daalt de inflatie, stijgen de inkomens en melden zich steeds meer buitenlandse investeerders. Ondanks de toenemende concurrentie vanuit China is dit dé tijd om retail te ontwikkelen. “Voor een jong bedrijf als Nomin een hele uitdaging”, aldus Gantulga. “Maar we willen niet in het wilde weg uitbreiden. In plaats van prijsvechten voor een groter marktaandeel, gaan we voor kwaliteit. Wat we doen willen we góed doen, daarom zijn we allereerst gericht op verbetering van onze huidige activiteiten.”

In Mongolië melden zich steeds meer buitenlandse investeerders

In de foodsector, waar je spreekt over dagelijkse toevoer van verse producten, betekent dit extra aandacht voor logistiek, automatisering en een uitgekiende winkelinrichting, afgestemd op de behoeften van de klant. Nederland kon hierbij als voorbeeld dienen, vond Macrander. Tijdens de intensieve stagetoer begeleidde hij Gantulga naar supermarkten als C1000, Konmar en Albert Heijn. Daarnaast bezochten ze het distributiecentrum Schuitema West in Woerden, waar Gantulga vervolgens zes dagen meeliep.
De man uit Mongolië was vooral onder de indruk van de snelle logistieke transacties. Een efficiënte afstemming tussen toeleverancier en winkelier, volgens het concept Just In Time, maakt langdurige opslag van goederen overbodig. Precies wat Nomin ambieert, want nu houdt het nog eigen weekvoorraden in de winkels. Gantulga: “Wij kennen nog geen dagelijkse toelevering, dus kunnen we maar beperkt verse producten aanbieden. Maar daar willen we wel naartoe; met name dagelijks vers brood, want daar houdt de klant van.” Hij maakte hier kennis met voorgebakken brood dat de consument thuis kan afbakken. Onbekend in Mongolië, maar een ‘interessant’ idee. Op termijn zou Nomin het in eigen bakkerij kunnen gaan produceren. En wat betreft dagelijkse leveringen: Nomin heeft nu contacten met lokale telers over een vraaggerichte productie.

Dit is dé tijd om retail te ontwikkelen

Nieuwe inzichten
Een efficiënte logistiek stelt eisen aan de automatisering, een punt waar Nomin hard aan werkt. De huidige dataprocessing is primitief, en nog lang niet alle 10.000 producten zijn geregistreerd. Weliswaar beschikt het als eerste in de branche over een gecentraliseerd netwerk met barcodescanning, maar dit systeem werkt nog niet op maat. Bovendien kent Mongolië geen standaardsysteem voor streepjescodes. “Wij zijn daarover in gesprek met het ministerie van Handel en onze Kamers van Koophandel, maar enige assistentie vanuit PUM is hierbij zeer gewenst”, meent Gantulga.
Verder heeft Gantulga waardevolle ideeën opgedaan op het gebied van verpakkingen, winkelinrichting en franchiseconstructies: wellicht de nieuwe manier waarop het supermarktwezen zich in Mongolië gaat ontwikkelen.

Bedrijven bezoeken werkt beter dan welke workshop ook

“Daar moeten we klaar voor zijn.” De directeur van Nomin Foods toont zich een geïnspireerd man. Over zijn stage niets dan lof: “De formule van bedrijfsbezoeken werkt beter dan welke workshop ook. Je kunt namelijk direct zien hoe een bepaalde situatie tot een concrete oplossing heeft geleid.” Met een koffer vol nieuwe inzichten stapt hij na een ingelast dagje Amsterdam op het vliegtuig huiswaarts, wetend dat hij er zijn eigen draai aan moet geven in het verre Mongolië. Maar onderweg kan hij al laptoppend een en ander overpeinzen.

Theo Macrander

 

Programma Uitzending Managers

PUM zendt al 25 jaar senior-experts uit verschillende sectoren uit naar landen in Afrika, Azië en het Midden-Oosten, Latijns-Amerika en Centraal- en Oost-Europa. Zij geven rechtstreeks advies aan ondernemingen en instellingen die behoefte hebben aan specialistische kennis en ervaring die ter plaatse onvoldoende voorhanden zijn. Deze adviseurs zijn vrijwilligers. In 2003 zullen zo’n 1.600 projecten worden uitgevoerd. Uit deze projecten komen regelmatig zakelijke contacten met het Nederlandse bedrijfsleven voort.
Bij PUM staan circa 3.500 mensen ingeschreven. Projecten duren gemiddeld één tot drie weken, afhankelijk van het project en het land waar men heen gaat. PUM wordt gesubsidieerd door de Nederlandse overheid (bewindslieden voor Ontwikkelingssamenwerking en van Economische Zaken) en is nauw gelieerd aan de Vereniging VNO-NCW.

Voor meer informatie - tel: (070) 34 90 555, e-mail: info@nmcp.nl, internet: www.pum.nl.