Franchising leent zich goed voor
het exploiteren van buitenlandse markten. De franchiseformule is gemaakt
voor
de overdracht van economische knowhow naar een ander bedrijf op een andere
plaats, ook over de grens. Indien een Nederlandse franchisegever met een
reeds bestaande franchiseketen de Duitse markt op wil, wordt hij echter geconfronteerd
met veel kosten en risico’s. De kosten liggen besloten in de werving
en de opstart van nieuwe franchisenemers in Duitsland. Ook het nodige marktonderzoek
brengt kosten met zich mee. Verder betekent het een risico om de franchiseformule
letterlijk naar het Duits te vertalen. Wat in Nederland bekend en gewild
is, is niet noodzakelijkerwijs ook in Duitsland een succes. Daarbij komt
dat Duitsland een groot land is, waar ook binnen het land zelf grote cultuurverschillen
bestaan. Een Münchener houdt niet van hetzelfde als een Hamburger.
Verschillende
regelgeving
Daarbij vloeit ook nog een risico voort uit de verschillen in de regelgeving.
Het buitenlands recht en het gebrek aan vertrouwdheid ermee kan een
belemmering vormen voor het uitbreiden van een franchiseketen. De opening
van de
markten binnen de Europese Unie heeft weliswaar tot een zekere mate
van harmonisatie en versoepeling geleid. De Europese Commissie in haar
hoedanigheid
als Europees Kartelbureau houdt er toezicht op, dat de handel met producten
en diensten binnen de Europese Unie niet wordt belemmerd. Dit neemt
echter niet weg dat de toegang tot een buitenlandse markt niet alleen kennis
van zaken vereist, maar ook kennis van recht. Zijn er vergunningen
vereist?
Zijn er heffingen of belasting verschuldigd? Welk recht is van toepassing
op de met een franchisenemer gesloten overeenkomsten? Het Duits, het
Nederlands of bestaat er een internationaal recht? Mag ik kiezen en
zo ja, welke keuze verdient aanbeveling?
Welke recht is van toepassing?
Welke recht op de franchiseovereenkomst van toepassing is, hangt in beginsel
af van de plaats waar de franchisepartijen gevestigd zijn. De franchisegever
kan een dochtermaatschappij of andere zelfstandige vestiging in Duitsland
beginnen, welke als masterfranchisegever overeenkomsten met Duitse franchisenemers
afsluit. Dan is er sprake van een zuiver nationale constellatie en is
het Duits recht zonder meer van toepassing. Maar wat als de franchisegever
in Nederland is gevestigd en van daar uit franchiseovereenkomsten met
Duitse ondernemers afsluit? Welke recht is dan van toepassing?
De wetgever kijkt in beginsel naar de partij die de kenmerkende prestatie
verricht. ‘Kenmerkend' dient in dit kader te worden begrepen als
een verschil maken tussen een soort overeenkomst en een ander soort overeenkomst.
In een koopovereenkomst is de kenmerkende prestatie de levering van goederen
en in een huurovereenkomst is het de terbeschikkingstelling van het afgehuurde
pand. Maar wat is nu de kenmerkende prestatie bij een franchiseovereenkomst?
Het ter beschikking stellen van een franchiseformule zou je kunnen zeggen.
Maar ook de wijze waarop de franchisenemer deze formule als zelfstandig
ondernemer naleeft, is kenmerkend voor een franchiseovereenkomst en levert
bijvoorbeeld het verschil op tussen de franchisenemer en de handelsagent.
Ook bestaat de franchiseovereenkomst vaak uit meer onderdelen dan de franchiseformule
en de naleving daarvan. Vaak worden leveringsverplichtingen en huurovereenkomsten
opgenomen. Dit schept onzekerheid, die wederom in een kostbaar procesrisico
kan resulteren.
| |
Het is een risico om de franchiseformule letterlijk
naar het Duits te vertalen |
Go shopping if you know how
Voor de meest voorkomende gevallen bestaat de mogelijkheid om in de overeenkomst
een rechtskeuze te maken. Een Nederlandse franchisegever die met een
franchisenemer in Duitsland een franchiseovereenkomst sluit, kan hierin
een clausule opnemen waarin hij voor het Nederlands recht kiest. Een
rechtskeuze geeft in beginsel zekerheid over het toepasselijke recht.
Hoe echter een keuze te maken indien de voordelen en nadelen van het
een of ander niet bekend zijn? Wie hiervan op de hoogte is, kan door
een rechtskeuze
'shoppen'. Hij kan mogelijk de nadelen van het ene recht ontduiken en
gebruik maken van de voordelen van een ander recht.
Enige valkuilen
Een rechtskeuze beschermt echter niet tegen alle valkuilen en bijzonderheden
van het Duits recht. De keuzevrijheid heeft grenzen, bijvoorbeeld indien
het gaat om overdracht van onroerend goed of indien het publiekrecht
of arbeidsrecht betreft.
Vergunningen
De Duitse franchisenemer moet dezelfde vergunningen aanvragen als andere
Duitse bedrijven (Gewerbe- of Gaststättenerlaubnis). Daarbij geldt
in Duitsland in beginsel de vrijheid van beroep en bedrijf. De aangifte
van het bedrijf dient slechts ter controle.
Inschrijving in het handelsregister
De franchisenemer is tevens verplicht om zijn bedrijf onder zijn eigen
handelsnaam in het handelsregister in te schrijven. Een inschrijving
onder de naam van de franchisegever is, anders dan in Nederland, niet
voldoende en mag ook in het rechtsverkeer door de franchisenemer niet
als handelsnaam worden gebruikt. De naam van de franchisenemer moet
altijd naast die van de franchisegever duidelijk worden gesignaleerd.
Gebeurt
dit niet en worden alle contracten onder de handelsnaam van de franchisegever
gesloten, dan wordt de franchisegever ook als contractspartij beschouwd
en kan hij hieruit rechtstreeks worden aangesproken.
Indien de Nederlandse franchisegever ervoor kiest een filiaal van zijn
eigen bedrijf in Duitsland op te richten, hoeft dit filiaal geen eigen
rechtspersoon of vennootschap te zijn. Het filiaal is dan gewoon een
onderdeel van de Nederlandse franchisegever. Toch dient de franchisegever
dit filiaal
in het handelsregister als zodanig in te schrijven. Voldoet hij hieraan
niet, dan geldt zijn filiaal volgens het Duits recht als een vennootschap
onder firma met als gevolg de persoonlijke aansprakelijkheid van alle
personen die als vennoten kunnen worden aangemerkt.
| |
Welk recht is van toepassing? Het Duits, het Nederlands
of bestaat er een internationaal recht? |
De franchisenemer
als werknemer
Een andere valkuil kan vanuit het arbeidsrecht dreigen. Het idee van
franchising heeft altijd de zelfstandigheid van de franchisenemer als
uitgangspunt.
Indien de franchisenemer echter door de franchiseovereenkomst, een handboek
en bijkomende richtlijnen en instructies zodanig in zijn vrije bedrijfsuitoefening
wordt beperkt, dat hij bij wijze van spreken een 'loonslaaf in eigen
bedrijf' is, zal hij door de kantonrechter als werknemer kunnen worden
beschouwd. Dit is met name aannemelijk indien de franchisenemer weinig
eigen kapitaal inbrengt en zijn bedrijf zich beperkt tot een koelwagen,
zoals bij de diepvrieslevensmiddelketens Eismann of Bofrost. De franchiseovereenkomst
wordt dan aangemerkt als arbeidsovereenkomst, welke - ongeacht een rechtskeuze
- naar Duits recht wordt beoordeeld, omdat de werkzaamheden in Duitsland
worden uitgevoerd. De franchisenemer heeft dan recht op loon en vakantie
en de franchisegever is verplicht om de inkomstenbelasting en de sociale
premies af te dragen. De franchisenemer wordt als werknemer tevens beschermd
tegen onredelijk ontslag. Daartegenover is de bescherming van een franchisenemer
tegen opzegging van de franchiseovereenkomst tamelijk beperkt. Zo oordeelde
het Bundesgerichtshof (de Duitse Hoge Raad) reeds in 1986 dat de fastfood-keten
McDonald’s een franchiseovereenkomst per direct mocht beëindigen
omdat de franchisenemer zich herhaaldelijk niet aan de in het handboek
voorgeschreven grilltemperatuur voor hamburgers had gehouden. Indien
een arbeidsovereenkomst zou zijn aangenomen, dan zou dat wellicht stukken
moeilijker zijn geweest.
De franchisenemer als consument
De franchisenemer wordt door de rechtspraak onder bepaalde omstandigheden
tevens als consument beschouwd. Dit is raar omdat de franchisenemer in
de uitoefening van een bedrijf handelt en daarom als ondernemer aan te
merken valt. Indien de franchisenemer op het tijdstip van het sluiten
van de franchiseovereenkomst echter nog geen bedrijf uitoefent, geldt
hij als starter (Existenzgründer). Indien een starter zich in een
franchiseovereenkomst verplicht om gedurende de franchiserelatie regelmatig
goederen van de franchisegever af te nemen, wordt dit beschouwd als een
consumentenkrediet in de zin van de wet. De verplichting moet dan op
schrift worden gesteld. De franchisenemer heeft tevens het recht om de
franchiseovereenkomst binnen een termijn van twee weken na ondertekening
te ontbinden. De franchisegever moet de franchisenemer informeren over
zijn recht tot ontbinding. Zonder deze mededeling vervalt het recht tot
ontbinding niet en blijft de franchisenemer ook na afloop van een termijn
van twee weken gerechtigd tot ontbinding.
| |
Duitsland is een groot land waar ook grote cultuurverschillen
aanwezig zijn |
Keuze van de bevoegde rechter
Een rechtskeuze kan weliswaar tot op zekere hoogte vastleggen welk recht
op de franchiseovereenkomst van toepassing is. Een rechtskeuze geeft
echter niet tegelijkertijd ook de bevoegde rechter aan. Vaak wordt
in de algemene voorwaarden de bevoegde rechter bij de zetel van de
franchisegever
aangewezen. Dit is echter niet altijd geldig omdat over een dergelijke
keuze uitdrukkelijke overeenstemming moet worden bereikt. Algemene
voorwaarden zijn hiervoor onvoldoende. In het algemeen dient een persoon
bij die
rechter te worden gedagvaard waar die persoon zijn/haar woonplaats
c.q. zetel heeft. Dit betekent dat een Duitse franchisenemer uit Berlijn
door
zijn Nederlandse franchisegever uit Rotterdam voor de Berlijnse rechter
moet worden gedagvaard. Dit geldt ook wanneer de franchiseovereenkomst
geheel naar Nederlands recht dient te worden beoordeeld.
Het spreekt vanzelf dat hierdoor de kosten van een procedure aanzienlijk
verhoogd kunnen worden. Maar het kan ook voordelen opleveren. Indien
bijvoorbeeld de Nederlandse rechter in Rotterdam er om bekend staat
bijzonder strikt
tegen franchisegevers op te treden en dit in het verleden ook reeds aan
de betrokken franchisegever heeft laten merken, kan een andere rechter
wenselijk zijn. Ook zal de Nederlandse rechter eerder geneigd zijn om
de Nederlandse rechtspraak op te volgen, ook al is hij hieraan niet
gebonden.
De Duitse rechter zal hier mogelijk in bepaalde gevallen een ander standpunt
in kunnen nemen, voor zover er niet sprake is van een eenduidige heersende
leer of rechtspraak in Nederland.
Grensoverschrijdend advies
Het starten van een franchiseketen in Duitsland is een grensoverschrijdende
investering, welke - ongeacht een rechtskeuze - kennis van zowel het
Duits als het Nederlands recht vereist. Het is daarom zaak om vooraf
een juridisch advies te vergaren dat eveneens niet aan de Duits-Nederlandse
grens eindigt.
Dr. mr. Annika Schimansky |