Eerder in Franchise+ 4/2002 Terug naar het overzicht
 
De rechtskeuze kan bij franchising van levensbelang zijn
Het belang van rechtskeuze in handelscontracten
We horen steeds meer spreken van 'globalisering' en een 'mondiale economie'. Ook franchising is een commerciële samenwerkingsvorm die bij uitstek geschikt is om internationaal te werken. Zoals de Belgische franchisespecialist Jan de Sutter het uitdrukt: “Franchise is in België de edelste vorm van commerciële samenwerking tussen twee partijen. Het is een geperfectioneerde vorm van licentie of concessie.” En inderdaad, heel wat franchiseconcepten zijn zodanig ontwikkeld dat zij met succes uitgebouwd kunnen worden in alle landen van onze Westerse wereld. Zowel masterfranchisegevers, masterfranchisenemers als (sub-)franchisenemers beoordelen de concepten en contracten vaak op hun economische opportuniteit; vaak worden echter de juridische aspecten, specifiek de rechtskeuze, 'over het hoofd gezien' en dat kan catastrofale gevolgen hebben.
 

Meester Vaes: “Wanneer we een eenvoudig schema bekijken van een mogelijke franchisestructuurkunnen de volgende voorbeeldsituaties ontstaan:
Voorbeeld A. De masterfranchisegever is een bedrijf uit de USA. De masterfranchisegever ziet de Benelux als één regio en vindt een masterfranchisenemer voor de Benelux in België en deze vindt zijn (sub-)franchisenemers in België, Nederland en Luxemburg. Stel dat de (sub-)franchisenemers een contract afsluiten met de masterfranchisenemer voor tien jaar waarin staat dat het franchiseconcept en haar inhoud 'up-to-date' zullen worden gehouden. De USA based masterfranchisegever blijft echter in gebreke. Het vijfde jaar keldert de winst van de (sub-)franchisenemers en deze ondernemen -na tal van klachten geuit te hebben tijdens vergaderingen en per brief- juridische actie tegen hun masterfranchisenemer waaraan zij legaal gebonden zijn. De kans is groot dat tussen deze partijen het Belgisch recht van toepassing is. Echter, tussen de masterfranchisenemer en de masterfranchisegever in de USA is het hoogstwaarschijnlijk dat deze laatste pleit dat het Texaans recht van toepassing is. Dat kan voor de masterfranchisenemer een zware dobber worden: een totaal vreemd en onbekend rechtssysteem en een duur rechtssysteem. Kortom, de masterfranchisenemer loopt een groot risico 'juridisch gewurgd' te worden. “Vooral masterfranchisenemers en (sub-)franchisenemers hebben er heel veel belang bij dat zij goed onderhandelen op dit punt en de bevoegdheid naar de Belgische Rechtbank of een Belgische Arbitrage Instelling toewijzen. Even belangrijk, gezien het voorgaande, is dat niet enkel de bevoegdheid contractueel wordt bepaald, echter dat ook de procedure duidelijk wordt vastgelegd."

   Veel franchiseconcepten zijn
zodanig ontwikkeld dat zij me
succes uitgebouwd kunnen
worden in alle landen
van onze Westerse Wereld

Voorbeeld B: "De masterfranchisegever stelt een masterfranchisenemer aan met een contract van tien jaar. Deze sluit met zijn (sub-)franchisenemers eveneens een contract voor tien jaar, alleen worden sommigen pas (sub-)franchisenemer na vijf jaar. Wanneer de masterfranchisegever na de resterende vijf jaar zijn contract met de masterfranchisenemer niet verlengd, is de (sub-)franchisenemer die rekende op tien jaar, na vijf jaar 'de sigaar'...
Zo zijn er tal van praktijkvoorbeelden die illustreren hoe belangrijk het is om zowel de juridische bevoegdheid als de juridische procedure bij geschillen 'helder' vast te leggen. Dit laatste voorbeeld illustreert ook dat het vaak opportuun is als (sub-)franchisenemer inzicht te hebben in de juridische situatie tussen masterfranchisegever en masterfranchisenemer. Als we hierop doorredeneren kan het voor de (sub-)franchisenemer in dit voorbeeld het meest interessant zijn om rechtstreeks met de masterfranchisegever eveneens een aantal zaken contractueel vast te leggen. Ook voor de masterfranchisegever zou dit als voordeel kunnen hebben dat wanneer z'n masterfranchisenemer door omstandigheden wegvalt, hij het risico beperkt dat hij meteen z'n volledig netwerk (sub-)franchisenemers kwijtraakt.”

Hoe zit het met deze internationale wetgeving?

Voor het beslechten van geschillen tussen contractanten van verschillende EU lidstaten bieden de Europese Verdragen geleidelijk aan meer rechtszekerheid. Voor het wereldwijd zaken doen kan niet hetzelfde gezegd worden: talloze verdragen bestaan naast elkaar en overlappen elkaar zelfs dikwijls. Rechtsonzekerheid heerst er omtrent het toepasselijk recht, nationale politiewetten versus buitenlandse wetgeving, probleem van aanhangigheid van het geschil bij meerdere rechtsgebieden, conflicten tussen rechtbanken en arbitrage.
Unidroit, dat een Internationaal Instituut voor Eenmaking van Privaat Recht is, onderzoekt sinds een aantal jaren de behoeftes en methodes om het Internationaal Privaat Handelsrecht te moderniseren, te harmoniseren en te coördineren tussen de landen. Unidroit telt 59 lidstaten als leden en heeft tot op heden een aantal Internationale Verdragen voorbereid onder andere inzake Verkoop van Goederen (Den Haag), Reiscontracten en Leasing en Factoring. Unidroit heeft tevens de volgende studies gepubliceerd: 'Principles of International Commercial Contracts' en 'Guide to International Master Franchise Agreements'.

Principes van Internationale Handelscontracten

   Vaak worden de juridische
aspecten, specifiek de
rechtskeuze, 'over het
hoofd gezien'

Deze Unidroit-principes, die in 1994 voor het eerst werden gepubliceerd, bestaan uit: een voorwoord dat het doel van De Principes verklaart; 119 bepalingen, onderverdeeld in zeven hoofdstukken, waarbij het contract wordt besproken. Deze zeven hoofdstukken zijn:
1.Algemene Bepalingen (omtrent vrijheid tot contracteren, begripsomschrijving, interpretatie).
2.Totstandkoming van het contract.
3.Rechtsgeldigheid.
4.Interpretatie (onder andere wil van partijen, taalproblemen).
5.Inhoud (onder andere type van verbintenissen).
6.Uitvoering (onder andere welke verplichtingen, tijdstip, betalingen, overmacht).
7.Niet-uitvoering (vergoeding, beëindiging).

De Unidroit-organisatie zelf verantwoordt het bestaan van deze regels als volgt. 'Gelet op hun functionele en moderne oplossing, zijn zij een goede inspiratiebron voor de voorbereiding van nieuwe wetgeving inzake contractenrecht. Deze rechtsregels bieden rechtbanken en scheidsrechters nuttige criteria en normen teneinde bestaande rechtsregels aan te vullen en/of te interpreteren. Deze principes bieden internationale contractpartijen uniforme en standaardnormen aan, die meer rechtszekerheid bieden dan de verschillende, nationale rechtsordes. Scheidsrechters hebben betere houvast aan deze nauwkeurige en sterk uitgewerkte Unidroit-principes, ten opzichte van de veelal te vage, algemene principes van Internationaal Privaat Recht. Rechtbanken en scheidsrechters kunnen deze principes aanwenden wanneer de door partijen aangebrachte contract- en/of rechtsregels geen of onbevredigende oplossing bieden.

Bruikbaarheid bij de redactie van een Internationaal Contract en bij internationale geschillenregeling.

Meester Olivier Vaes: “De Unidroit-principes zijn, in tegenstelling tot andere vormen van internationaal recht, zoals de Incoterms, Uncitral Model Law on International Commercial Arbitration, de CISG UN Conventie, -naar mijn mening- een nuttig juridisch instrument van Privaat Recht, dat geschikt is voor zowel het onderbouwen van een stabiele, contractuele relatie, als ter oplossing van eventuele geschillen op transnationaal vlak. Alhoewel deze Unidroit-principes een nuttig juridisch instrument zijn, kunnen zij naar mijn mening -in hun huidige vorm- niet gelijkgesteld worden met de lex mercatoria, daar zij niet in het leven werden geroepen door een overheidsinstantie en dus ook niet afdwingbaar, noch van openbare orde zijn.
Toch, zeker voor internationaal handelende onderneming is het belangrijk dit te begrijpen: zij vormen de wet indien partijen hiervoor uitdrukkelijk hebben gekozen.”

Hiermee beklemtoont Meester Vaes nogmaals het belang van zowel de juridische bevoegdheid als de procedure bij geschillen vast te leggen.

Tom Commeine

 
Meester Olivier Vaes is gespecialiseerd in handelsrecht. Het advocatenkantoor Van Rompaey & Vaes te Antwerpen is gespecialiseerd in handelsrecht, maritiem recht en verzekeringsrecht, zowel nationaal als internationaal en heeft in z'n klantenkring tal van franchiseorganisaties.