Eerder in Franchise+ 6/2001 Terug naar het overzicht
 
Franchiseformule Media Expresse is sterfhuis
"Ik verwacht van een groot, modern uitgeefconcern dat de bezorging professioneel wordt opgezet"
Media Expresse, de franchiseorganisatie voor de exploitatie van de publiekstijdschriften van het voormalige VNU Tijdschriften, heeft zijn langste tijd gehad. De afgelopen tijd zocht het management van Media Expresse naar een mogelijke partner. Tevergeefs. Dat de exploitatie van publiekstijdschriften niet meer tot de kernactiviteiten van VNU Tijdschriften (onlangs overgenomen door het Finse Sanoma) behoort, was al langere tijd bekend. Maar de manier waarop VNU de zaak afwikkelt, heeft bij menig franchisenemer kwaad bloed gezet. "Ik voel me bij het oud vuil gezet."
 

Jarenlang was er een innig huwelijk tussen de grootste producent van tijdschriften, VNU, en zijn franchise-exploitanten. Onder de 240 franchisenemers van Media Expresse bevinden zich velen die ooit als wederverkoper in dienst waren van het uitgeefconcern. In de zeventiger jaren werd de distributie van tijdschriften omgezet in een franchiseformule. Tot tevredenheid van het concern en de franchisenemers. De formule stoelt op twee pijlers: de verspreiding van tijdschriften en het werven en beheren van abonnementen. Franchisenemers kregen een exclusief exploitatiegebied toegewezen. Daar stond tegenover dat VNU eiste dat de franchisenemers exclusief voor VNU zouden werken. De franchisenemers hadden een goed belegde boterham.

Naast de exploitatie van bladen als Libelle, Margriet, Panorama, Beau Monde en de Donald Duck besloot VNU ook in zee te gaan met de omroepen voor de verspreiding van de omroepbladen via het fijnmazige Media Expressenetwerk. Naast de gebruikelijke distributie van de VNU-bladen op vrijdag en zaterdag (de A-slag), werden de omroepbladen op woensdag of donderdag via Media Expresse thuisbezorgd (de B-slag). Niet alle Media Expressers reageerden enthousiast over het extra werk. "De marges waren aan de lage kant," zegt (ex)Media Expresser Jo Bucks uit het Limburgse Grevenbicht. "Voor dergelijke bedragen kun je alleen maar werken met scholieren. En die waren en zijn lastig te krijgen. Kijk maar eens naar de moeilijkheden die dagbladen nu hebben om de krant iedere dag op tijd bij de abonnees te krijgen." De bezorging van met name de omroepbladen verliep niet naar wens. "Je zou dan verwachten dat je met elkaar om de tafel gaat zitten om te kijken hoe je de problemen oplost," stelt zijn collega (ex)Media Expresser Lex Bekooy uit Leiden. "Er is met diverse omroepen een doelstelling afgesproken van 0,5 promille bezorgklachten. Per rayon kan dit echter verschillen. In verstedelijkte gebieden is het percentage hoger. Dit komt erop neer dat bij een te verspreiden oplage van 10.000 bladen er maximaal vijf klachten mogen komen."Jo Bucks en Lex Bekooy ontkennen niet dat de kwaliteit van de bezorging soms onder het gewenste niveau bleef. Jo Bucks: "Het is de vraag of je ons als franchisenemers verantwoordelijk kunt stellen voor de honderden scholieren waarmee wij werken. Ik geef toe dat er onder de scholieren die voor mij werkten er wel eens jongens waren die hun werk niet zo nauw namen. Dat is heel vervelend. Het enige dat je eraan kunt doen is bij klachten zorgen dat het tijdschrift alsnog wordt bezorgd. En je spreekt de betrokken bezorger er natuurlijk op aan en neemt maatregelen. Maar ik vind het eenzijdig om te stellen: dat is jullie probleem. Zeker als je ziet met welke marges wij moeten werken. Als de vergoedingen hoger waren geweest, had ik bijvoorbeeld volwassenen kunnen werven om bezorger te worden. Maar dat zat er niet in."

Omroepbladen
Ook Hans Verstrepen uit Haarlem stelt dat het steeds lastiger is om kwalitatief goede bezorgers te krijgen. Hij begon in 1976 als wederverkoper bij VNU Tijdschriften en heeft dus een kwart eeuw ervaring met de distributie van tijdschriften. Hij is kritisch, ook naar zijn collega's. "Ik heb nooit begrepen dat er niet zoveel franchisenemers warm liepen voor de verspreiding van omroepbladen. Het betekende namelijk extra volume. Je kunt natuurlijk redeneren dat je een belegde boterham hebt en daarmee tevreden bent. Maar je ziet dat er overal in onze maatschappij schaalvergroting plaatsvindt. Dan moet je mee om de slag niet te verliezen. Meer volume betekent de redding voor een goed distributienetwerk. Natuurlijk was het bezorgen van de Veronicagids met die extra cd-tjes niet makkelijk. Als VNU slim was geweest hadden ze de betaling voor de bezorgers verbeterd onder de voorwaarde dat de bezorging ook zou verbeteren. Dat is niet gebeurd."
Per 1 januari 2001 heeft Veronica het bezorgingcontract met VNU opgezegd. Afgelopen zomer lieten de AKN-omroepen (Avro, KRO en NCRV) VNU weten dat ook zij hun contract niet zouden verlengen. Met ingang van 1 januari aanstaande worden die omroepbladen weer per post bezorgd. Het wegvallen van die contracten en het feit dat de exploitatie van publiekstijdschriften geen kernactiviteit meer is voor VNU Tijdschriften en de opvolger, het Finse Sanoma, hebben de afbouw van Media Expresse in een stroomversnelling gebracht. Daarbij komt dat VNU Tijdschriften de totale exploitatie van de abonnementen weer wil centraliseren. Dat gebeurt tot nu toe door de franchisenemers. "Je mag dan verwachten dat daar een redelijke vergoeding tegenover staat voor goodwill. Maar dat is niet het geval," constateert Jo Bucks verbitterd. Sinds begin dit jaar zit hij werkloos thuis omdat zijn contract niet door VNU werd verlengd. De Limburgse franchisenemer laat het er niet bij zitten. Hij schakelde een advocaat in. De kwestie loopt nog steeds. "Het is onvoorstelbaar wat er gebeurt. Wij worden niet alleen op straat gezet, maar ook nog eens financieel en moreel lam geslagen door allerlei acties van VNU. Zo wordt mij bijvoorbeeld in de schoenen geschoven dat ik de schuldige ben van een computervirus dat door Nederland raast. Men wil de schade hiervan op mij verhalen. Er is geen sociaal plan. Bij het GAK Nederland kan ik niet aankloppen voor een uitkering omdat wij sinds 1 januari 1999 allemaal zelfstandige franchiseondernemers zijn." De correspondentie met GAK Nederland, VNU Tijdschriften en de rechtbank vult inmiddels zes dikke ordners.
Zijn collega Lex Bekooy is eveneens in een gerechtelijke procedure met VNU Tijdschriften verwikkeld met processen over en weer. VNU Tijdschriften liet beslag leggen op de geïncasseerde abonnementsgelden toen de Media Expresser niet bereid was die zomaar af te dragen. "Ik ben op 30 september 1986 begonnen. Op 19 januari van dit jaar is mijn contract ontbonden. Ik voel me bij het grof vuil neergezet. Begin 1999 zijn we allemaal vol goede moed begonnen als zelfstandige franchisenemers. Er waren grote toekomstplannen volgens VNU. Daarop heb ik een bedrijfspand gekocht en een persoonslid in dienst genomen om de distributie en abonneewerving nog beter aan te pakken. Acht maanden later kregen wij te horen dat VNU af wil van Media Expresse. Ik begrijp niets van die plotselinge omslag. Ik denk dat het ligt aan het beroerde management. Er zitten mensen op sleutelposities die de organisatie blijkbaar de nek om willen draaien. Als je kijkt naar de dagvaardingen, kun je alleen maar je wenkbrauwen fronsen. Ze zijn slordig samengesteld, er worden verkeerde namen van collega franchisenemers genoemd en de bedragen die in de dagvaardingen genoemd worden, zijn verkeerd. Het is onbegrijpelijk dat zoiets kan. Er zijn franchisenemers die nu, na bijna dertig jaar, zonder contract zitten. Er zijn collega's die murw zijn, moedeloos. Ik niet. Ik vecht voor mijn zaak."
De afgelopen maanden heeft Lex Bekooy 'een deel van zijn huis opgegeten' omdat hij geen inkomsten had en geen recht op een uitkering heeft. Inmiddels heeft hij de draad weer opgepakt en heeft hij diverse agentschappen voor huis-aan-huis verspreiding van De Telegraaf via Telegraaf-dochter Interholland. "Mijn inkomsten zijn gekelderd. Maar ik moet toch weer iets opbouwen," stelt de 44-jarige ondernemer. Hij vindt het onterecht dat alle problemen worden afgewenteld op de franchisenemers. "De bezorging van een tijdschrift is de laatste schakel in een hele keten. Die keten begint met het kappen van een boom in een bos in Finland voor de productie van papier. Tussen dat moment en de bezorging zitten een heleboel stappen. Ik verwacht van een groot, modern uitgeefconcern dat ze zoiets professioneel opzetten. Niet op een verouderde manier. Mijn partner kreeg bijvoorbeeld zijn tijdschriften om 19.30 uur vanuit Nieuwegein. Ik zat in hetzelfde pand. Maar mijn levering kwam pas om 22.00 uur uit datzelfde Nieuwegein. Vind je het dan gek dat er bezorgproblemen zijn? Daarbij ging het niet om een incident. Zo kan ik nog uren doorgaan. De franchisevereniging heeft zitten slapen. VNU heeft acht maanden nadat het oude bestuur was afgetreden het initiatief genomen om een werkgroep op te richten. Uiteindelijk is hieruit de oprichting van de franchisevereniging (VFM) tot stand gekomen. De problematiek die vervolgens op de bestuursleden afkwam was dermate specialistisch dat het het niveau van een franchisenemer ver te boven ging. Ze hadden er onafhankelijke mensen met bestuurlijke ervaring moeten neerzetten. Het had allemaal nooit zover hoeven te komen."

Sterfhuis
Hans Verstrepen heeft nog een contract tot 2006. "Het is een sterfhuisconstructie," legt hij uit "Er waren 240 franchisenemers bij Media Expresse. Nu VNU geen overnamekandidaat kan vinden, worden er geen contracten meer verlengd. De exploitatie van de omroepbladen gaat naar PTT Post, de TPG Groep. Als een franchisecontract afloopt, gaan die tijdschriften voortaan ook naar de TPG Groep. Ik had me kunnen voorstellen dat VNU samen met de franchisenemers zou hebben gekeken naar andere mogelijkheden van voortzetting van de samenwerking nadat bleek dat er geen gegadigden waren die Media Expresse wilden overnemen. Ik begrijp best dat VNU vanuit de marketinggedachte de adresgegevens en de demografische gegevens van de abonnees wil hebben voor verschillende doeleinden. Maar het is ook logisch dat franchisenemers daar een redelijke vergoeding voor krijgen. Mensen voelen zich bedonderd nu het ophoudt zonder dat er een sociaal plan is. Ik ben nu 49. Als mijn contract afloopt ben ik 54. Het is de vraag of ik dan nog iets nieuws vind. Ik oriënteer me nu ook op andere mogelijkheden."

Bert Jongen

 

Franchisevereniging
Franchise+ sprak ook uitgebreid met voorzitter Henk Raggers van de franchisevereniging VFM. Nadat hij de concepttekst van dit artikel had gelezen liet hij weten: "Alhoewel ik persoonlijk geen problemen heb met de heren Lex Bekooy en Jo Bucks moet ik helaas constateren dat beide heren in het verleden niet hebben voldaan aan de verplichtingen jegens de vereniging (VFM)." Helaas wenst ondergetekende derhalve vanuit zijn functie als voorzitter van de VFM niet in een door beide ex-franchisenemers gekleurd artikel een bijdrage te leveren. "Derhalve verzoek ik u om mijn bijdrage uit uw artikel te schrappen. Vanzelfsprekend ben ik bereid om mee te werken aan een artikel in uw tijdschrift. Maar het feit dat u uw artikel vanuit informatie van 2 ex-franchisenemers opbouwt die al bijna een jaar geen Media Expresser meer zijn, doet mij besluiten mijn medewerking aan dit artikel in te trekken."

De VFM heeft inmiddels zelf juridische hulp ingeroepen bij de afwikkeling van Media Expresse. De franchisevereniging hoopt dat er in samenwerking met VNU een doorstart op distributiegebied mogelijk is.

 

De redactie heeft ook VNU tijdschriften de kans gegeven hun visie te vertolken in dit artikel. Bij het ter perse gaan van dit artikel was er nog niet op dit verzoek gereageerd.