Joop Goossens, Koninklijk Horeca Nederland:
"Samenwerking binnen horeca zal toenemen"
In mei volgend jaar wordt naar verwachting de laatste fase van een onderzoek
in de horeca naar samenwerkingsverbanden afgerond. "Er wordt steeds meer
samengewerkt, op vrijwillige en ook op franchisebasis," aldus Joop Goossens,
hoofd van de afdeling markt, sectoren en economie van Koninklijk Horeca Nederland
uit Woerden. "Wij willen in kaart gebracht hebben welke vormen van samenwerking
er al bestaan en wat de mogelijkheden voor nieuwe initiatieven zijn."
Een van de taken van de afdeling die Goossens leidt, is het verzamelen van
marktinformatie. Toevallig werd na de zomer van dit jaar een groot onderzoek gestart
naar samenwerkingsverbanden en -mogelijkheden binnen de horecabranche.
"Koninklijk Horeca Nederland stimuleert samenwerking tussen haar leden. Met
het toenemend aantal regels en wettelijke bepalingen wordt het lastiger voor hen
om alles zelf bij te houden. Vanuit onze organisatie leveren wij de nodige support
en knowhow op dit gebied, maar er is ook een groeiend aantal ondernemers die zelf
de nodige initiatieven ontplooien, onder meer door hun kennis door middel van
samenwerking te bundelen. Ik verwacht dat deze ontwikkeling voortduurt en zelfs
nog versterkt gaat worden."
In de horeca zijn er, zoals in andere branches, meerdere samenwerkingsvormen.
De ketenvorming is vrij sterk, zeker in het hotelwezen met een aantal grote (ook
internationaal opererende) spelers. Het meest komen altijd nog de vrijwillige
samenwerkingsverbanden voor. En vanzelfsprekend kent ook de horeca een grote variëteit
als het om franchising gaat, van soft tot hard.
"Samenwerking begint eigenlijk meestal heel basaal en lokaal," vertelt
Goossens. "Denk maar aan zoiets simpels als het doorsturen van hotelgasten
naar een vergelijkbare accommodatie als je zelf volgeboekt bent. De volgende stap
is regionale samenwerking door je als hotels in een bepaald gebied te profileren
via bijvoorbeeld de VVV's. Of door een naam als 'gezelligheidscentrum' op te bouwen,
zoals in het geval van de concentraties aan cafés en andere horecagelegenheden
aan het Maastrichtse Vrijthof of het Leidse Plein in Amsterdam. Het centrum van
Amsterdam is in feite één groot café. En dat werkt, ook internationaal."
Hoppende consumenten
Samenwerkingsvormen hangen in feite nauw samen met trends, en niet alleen in de
horeca. "Op dit ogenblik zie je twee hoofdstromen: kleinschalig opererende
bedrijven die met hun eigen specialisme een plek op de markt hebben veroverd,
en grote marktpartijen die vele specialismen onder één dak presenteren.
Een voorbeeld van de laatste categorie zijn de discotheken, waar je ook een hapje
kunt eten en waar diverse drinkgelegenheden zijn voor specifieke doelgroepen met
hun eigen muziek, interieur, enzovoorts. Samenwerking is belangrijk om al deze
facetten goed op elkaar te kunnen afstemmen. Consumenten zijn, ook als het om
de keuze voor een horecagelegenheid gaat, 'hoppers' geworden; ze kiezen nu eens
voor dit, dan weer voor dat, afhankelijk van het moment en hun stemming. De aantrekkingskracht
van een uitgaansgebied zit hem dus vooral in de diversiteit van het aanbod. Er
dient voor elk wat wils te zijn. Zo'n differentiatie bereik je alleen als je overlappingen
probeert te voorkomen; hiervoor is een goede samenwerking tussen partijen noodzakelijk."
| |
"Wij willen ondernemers
helpen bij de afweging
voor welke
samenwerkingsvorm
ze het beste
kunnen kiezen." |
Een andere ontwikkeling is de brancheverbreding - of onvriendelijker: branchevervaging.
Bedrijven en organisaties gaan zich ook op andere dan hun traditionele werkterreinen
begeven. Zo ook in de horeca.
"Naast de traditionele restaurants komen er eetgelegenheden waar je van theater
kunt genieten, of waar tijdens het eten een zanggroep optreedt. Het aanbod binnen
dezelfde locatie wordt verbreed. Hier liggen voor de horeca nog volop kansen,
waarvoor samenwerking met andere disciplines en sectoren nodig is. Zowel nationaal
als regionaal komen er steeds meer, soms verrassende samenwerkingsverbanden binnen
én buiten de bedrijfskolom. Hierbij gaat het om strategische keuzes, die
erop gericht zijn door synergie de daad- en slagkracht van de betreffende ondernemingen
te vergroten.
Een ander voorbeeld. Wekelijks worden de woonboulevards in Nederland door vele
honderdduizenden consumenten bezocht. Probeer daar als horecaondernemer een goed
concept neer te zetten, zodat je een graantje kunt meepikken van die traffic.
Bedreigingen zijn er eveneens. Wat voor de horeca opgaat, geldt omgekeerd natuurlijk
ook. Ikea, dat op termijn achttien vestigingen zal hebben in ons land, exploiteert
haar eigen horecavoorzieningen. Het moet mogelijk zijn om te profiteren van de
mensenstroom die de Ikea-winkels bezoekt; als je in de buurt zit, maak hier dan
gebruik van en trek bezoekers met aantrekkelijke producten en diensten."
Handen vrij hebben
Hoe kijkt Koninklijk Horeca Nederland tegen nauwere vormen van samenwerking zoals
franchising aan?
"In principe positief," gaat Joop Goossens verder. "Voorop moet
echter staan, dat er sprake is van een situatie die voor beide partijen, de franchisegever
en -nemer, winst oplevert. Mijn standpunt is helder: je kunt pas wérkelijk
ondernemen als je je handen vrij hebt en ook houdt. Het onderzoek dat we hebben
geïnitieerd naar samenwerkingsverbanden, -vormen en - mogelijkheden is in
de eerste plaats bedoeld om de huidige situatie in kaart te brengen en te bezien
wat voor perspectieven er op dit gebied zijn. Wij willen als Koninklijk Horeca
Nederland inzicht krijgen in de doelstelling van formules en samenwerkingsverbanden
en op grond hiervan een beslissingsmodel voor ondernemers ontwikkelen. Ofwel:
wie overweegt in wat voor vorm dan ook samen te gaan werken, kan aan de hand van
dit model beoordelen welke vormen c.q. concrete formules voor hem of haar het
meest geschikt zijn.
Wil je alleen aan 'branding' doen, met een bekende, breed aansprekende naam op
de gevel en vooral verkoopgericht bezig zijn, dan praat je over een andere keuze
dan wanneer het je met name te doen is om het structuren van je inkoopproces of
van delen van je organisatie. Onze insteek is: wij willen ondernemers helpen bij
de afweging voor welke samenwerkingsvorm ze het beste kunnen kiezen."
| |
"Samenwerking
begint
eigenlijk meestal heel
basaal en lokaal." |
Gradaties in franchise
In de cafetariasector wordt - niet onverwacht - het meest gefranchised; Goossens
schat dat een kwart van de bedrijven (die overigens 40 procent van de omzet voor
hun rekening nemen) valt onder een formule. In deze sector doen ook de groothandels
hun intrede. Zo heeft Sligro vier formules in de markt gezet. "Centrale vraag
die je bij deze ontwikkeling kunt stellen, is: prevaleert het belang van de ondernemer,
of gaat het de groothandels in de eerste plaats om het veiligstellen van hun afzet?
Ik kan echter geen eenduidig antwoord geven op de vraag of het een positieve of
negatieve trend is; het ligt er maar helemaal aan naar welke kant de balans doorslaat.
Duidelijk is in ieder geval dat het belang van de ondernemer voorop moet staan.
En, evenmin onbelangrijk: dat de consument, voor wie we het tenslotte doen, door
de bomen het bos blijft zien."
Hoeveel hotels er onder een formule vallen, is lastig te zeggen. "Het is
moeilijk meetbaar, want er zijn ketens actief die daarnaast aan franchising doen.
Ik houd het erop, dat zo'n driehonderd hotels binnen een samenwerkingsverband
opereren, die echter wel een aanzienlijk deel van de kamers voor hun rekening
nemen."
Wat restaurants betreft, zijn er meer vrijwillige samenwerkingsverbanden dan franchiseformules.
"Het aanbod is namelijk zeer gevarieerd, van de Hollandse tot aan de meest
exotische keukens van over de hele wereld. Het aantal verbanden schat ik op een
veertigtal, maar ik weet niet hoeveel er daarvan op franchisebasis zijn."
In de sector drankverstrekkers is amper sprake van franchise. "Maar het komt
er wel aan. Je ziet cafés voor een speciale doelgroep ontstaan, onder wie
de hardrockers. In de discotheekwereld ken ik nog een voorbeeld: 'Disconet', waarbij
het overigens gaat om soft franchise."
Joop Goossens zegt tot besluit te verwachten, dat samenwerking in alle horecasectoren
zal toenemen. "Het fenomeen zal echter nooit zo groot worden als in de retail,
wat in belangrijke mate komt doordat horeca in het algemeen gesproken sterk lokaal
gebonden is. Zo tussen de zes en zeven op de tien bedrijven zullen op termijn
op de een of andere manier samenwerken, de rest kan of wil het alleen blijven
doen." |