Franchise is net voetbal
In landen als Australië en de Verenigde Staten zijn diverse sportcompetities opgezet waarbij de clubs gewoon franchisenemers heten. Dat geldt in voetbal, ijshockey, basketbal, honkbal en dergelijke. De competitie-organisatie is de franchisegever, de clubs franchisenemers. Dit blijkt goed te werken, mede door bepaalde spelregels die wij hier niet kennen. Bijvoorbeeld: clubs mogen een totale loonsom aan spelers uitgeven die een vooraf vastgesteld maximum bedrag niet mag overschrijden. Wie een zeer dure sterspeler binnenhaalt moet zich realiseren dat hij daarnaast een behoorlijk aantal goedkopere spelers moet aantrekken om het maximum bedrag niet te overschrijden.
Franchisenemers zullen eerder voor een hecht team van een gemiddeld goede kwaliteit kiezen dan voor één sterspeler aangevuld met te lage kwaliteit. Dit kennen we ook uit de franchise. Onder andere dit aspect maakt een competitie een stuk interessanter omdat niet bij voorbaat een rijke club ook de beste (= duurste) spelers kan aantrekken, zoals dit in Europa het geval is. Voor franchises in de sport worden soms zeer grote bedragen van honderden miljoenen dollars neergeteld. De Amerikaanse sport heeft best veel geleerd van en overgenomen uit de franchisecultuur. Franchisenemers moeten zeker presteren om in de gunst van het publiek (= de klant) te blijven. Zo af en toe lukt dat onvoldoende en valt de franchisenemer om; de franchise wordt teruggenomen en, indien mogelijk, weer uitgegeven aan een nieuwe kandidaat. Dat komt ons bekend voor.
Franchising en professionele teamsporten hebben een innige relatie. Kennelijk ook in het missen van kansen. Want wie duurbetaalde voetballers talloze simpele kansen als strafschoppen hopeloos ziet missen kan niet anders concluderen dat een doelpunt meer geluk dan kwaliteit is. Ook franchisenemers laten kansen liggen. Zij zijn onvoldoende op de hoogte van allerlei mogelijkheden op het gebied van financiering en subsidieverlening. Heel jammer, want bijvoorbeeld bij de stijgende werkloosheid kan nieuwe werkgelegenheid rekenen op subsidie. En een franchisenemer met één werknemer is al zo’n positieve bijdrage aan de werkgelegenheid. Ook opleiding blijkt kansrijk voor subsidietrajecten. Waarom die Euro’s laten liggen? Zeker in een startfase kunnen deze extraatjes zorgen voor een aangenamer beeld van de winst- en verliesrekening. Het is de taak van de coach van het team franchisenemers, dus de franchisegever, om ervoor te zorgen dat ze voldoende geprepareerd zijn voor de concurrentiestrijd. Goede voorbereiding en permanente opleiding plus het aldoor speuren naar nieuwe kansen voor franchisenemers.
Maar je moet er wel iets voor doen, ook als franchisenemer. Bijvoorbeeld je franchisegever of accountant wakker schudden, want die behoren over de benodigde kennis op dat gebied te beschikken. En geslapen wordt er aan dat front, dat bleek wel tijdens de Themadag van de Nederlandse Franchise Vereniging over financiering in crisistijden. Diverse concrete mogelijkheden passeerden hier de revue, wat de nodige verbaasde blikken opleverde. Van franchisegevers en accountants die het kennelijk ontgaat dat er plaatselijk, landelijk en in Europees verband veel geld ligt om het bedrijfsleven te stimuleren. Breng jezelf dus in een betere scoringspositie door extra alert op financiële faciliteiten te jagen. De moeite waard, want ook in 2010 zal het niet vanzelf gaan.
Jan C. Bezemer, hoofdredacteur |